Boekgegevens
Titel: Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Auteur: Costerus, J.C.; Behrens, Wilhelm Julius
Uitgave: Amsterdam: M.M. Olivier, 1896
4e dr; 1e uitg.: 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2709 : 4e dr
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204169
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
Het vervoer van stuifmeel door dieren. 14.3
dat de Veldsalie nooit door eigen, maar altijd door
ander pollen Avordt bestoven.
2. De Miynulus.
Met de salie komt, v?at de inrichting voor kruisbe-
vruchting betreft, het geslacht Mimulus, vpiens vele soor-
ten in potten worden gekweekt "i), tamelijk wel overeen.
Fig. 147, I stelt een bloem van Mimulus Tilingii in
natuurlijke grootte, van boven gezien, voor. De bovenlip
(o) bedekt den ingang der kroonbuis; onder haar zitten
eveneens bedekt en voor regen gevrywaard de vier
meeldraden en de stijl met den stempel. De onderlip
(«) is drielobbig, de middelste lob is gewelfd en dient
den Insecten als steunvlak. Naar achter loopen de beide
lippen in eene lange buis uit, die bij k (I, II) den honig
herbergt. Beproeft men van voren in de keel der
bloemkroon te kijken, dan bemerkt men dat deze door
den grooten, heldergeel gekleurden, tweelobbigen stem
pel (n III) is afgesloten. Dieper in de buis, doch onder
den stempel, staan de vier meeldraden zoo geplaatst
als flg. III aanwijst.
Zien wij nu eens toe, hoe een Insect (b.v. een hommel)
zich houdt bij het bezoeken dezer bloem. Het dier zet
zich op de gewelfde gele onderlip neer en ziet daar
het uit bloedroode vlekjes bestaande honigmerk. Dit
leidt het Insect naar den toegang der buis. Het tracht
nu van dezen kant in te dringen, aangezien een zijde-
delingsch indringen door twee rijen stevige haren ver-
hinderd wordt (h II). Bij het binnenkomen stoot de
snuit tegen de onderste lob van den stempel (HII, IV),
') De meeat bekende soort is Mimulus moschatus, de Muskusplant.