Boekgegevens
Titel: Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Auteur: Costerus, J.C.; Behrens, Wilhelm Julius
Uitgave: Amsterdam: M.M. Olivier, 1896
4e dr; 1e uitg.: 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 2709 : 4e dr
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204169
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der plantkunde: ten gebruike bij het onderwijs op de middelbare scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
176 Het vervoer van stuifmeel cloor dieren.
Evenwel dient hier ten slotte te worden opgemerkt,
dat verreweg de meeste Insectenbloemen bij het achter-
wege blijven der kruising in'staat zijn zich zeiven te
bestuiven en op die wijze toch rijpe zaden produceeren.
4. Eenige voorbeelden van bestuiving door Insecten.
1. De Veldsalie (Salvia pratensis).
De veldsalie wordt op enkele plaatsen in de oostelijke
provinciën van ons vaderland op weiden aangetroffen.
Zy wordt I Meter hoog en draagt aan de bovenste
helft van den rechten stengel een lange aar, die reeds
van verre in het oog valt. De bloemkroon is tweelippig
en prachtig azuur-blauw (flg. 146). De kroon biedt den
Insecten een geschikt steunpunt aan om zich gedurende
het honigzuigen vast te houden. De bovenlip is ge-
welfd en heeft de gedaante van een helm. Hare randen
sluiten zoo dicht tegen elkaar aan, dat al ziet men er
van onder tegen aan, men moeite heeft de in haar
verborgen meel-
draden te ontdek-
ken. De helmhok-
jes zijn bij gevolg
tegen alle bevoch-
tiging door regen
beschermd. Het
honigorgaan zit
onder in de bloemkroon en scheidt heel veel zoeten
honig af. De stijl (I g) steekt pas na het uitbloeien der
meeldraden met zijn boveneinde en de kleverige stem-
pels ver voorbij de bloemkroon uit. De stempels, twee
Fig. 146.