Boekgegevens
Titel: Ver over zee: merkwaardige tochten en ontmoetingen ter zee en te land
Auteur: Goeverneur, J.J.A.
Uitgave: 's-Gravenhage: Joh. IJkema, 1872 *
Groningen: Gebroeders Hoitsema
Opmerking: Bevat o.a. 'Mijne omzwervingen in Mexico' en 'Beelden uit Ceylon'
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-197
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204150
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Azië, (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Midden- en Zuid-Amerika
Trefwoord: Sri Lanka, Mexico, Reisbeschrijvingen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Ver over zee: merkwaardige tochten en ontmoetingen ter zee en te land
Vorige scan Volgende scanScanned page
54
om weder op de zijde te vallen , en zonk eindelijk machteloos
neer. Een bange noodkreet gierde door het bulderen van
wind en golven , en op 't zelfde oogenblik ging ook de
signaallantaren uit, als het dwaallicht, dat 's nachts boven
een moeras huppelt en weer verdwijnt, nadat het den voet-
ganger in het verderf heeft gelokt. De ondergang van het
schip was zeker , en men kon nu alleen nog op het redden
der bemanning bedacht zijn. Terwijl men over de keus der
gepaste middelen beraadslaagde , vertoonde zich eene gestalte
voor op het schip, en bij 'tschijnsel der lantaren, die haar
gezicht verlichtte, herkende men een man, die mij sinds
mijn bezoek in Manantial niet meer vreemd was ; ik bedoel
den loods Ventura. Eenige woorden, welke hij door een
roeper schreeuwde, geraakten niet tot ons; maar een touw,
dat hij in de hand hield , liet ons den zin zijner Avoorden
gemakkelijk gissen. Ventura verlangde, dat eene boot te
water werd gebracht, om het eind van zijne lijn te halen.
Do onderneming was onuitvoerbaar, en aan het verlangen
van den loods werd dus ook geen gehoor gegeven. "Wij
zagen thans midden in het schuim, dat den boegspriet van
het wrak bedekte , eene boot neerlaten , waarin zich eenigen
van de bemanning begaven ; doch pas had de met moeite
vlot gemaakte bark eenige minuten met de golven gekampt,
of zij verdween in eene wolk van schuim.
Slechts een eenigen man uit de boot gelukte het, zwem-
mend het strand te bereiken, en deze van water druipende,
geheel uitgeputte man was geen ander, dan de loods Ven-
tura. Zonder op de van alle kanten tot hem gerichte vragen
te letten , wikkelde hij eene om zijn lijf gewonden lyn af
en gaf bevel, het eene eind daarvan vast te houden , om
de redding der aan boord der goelet achtergebleven matrozen
te bewerkstelligen. Honderd handen grepen dadelijk het
touw en hielden dat met de kracht van oen windas vast.
Nadat dit geschied was , werp de loods zich op den grond,
om een weinig adem te scheppen , en zijne eerste woorden