Boekgegevens
Titel: Ver over zee: merkwaardige tochten en ontmoetingen ter zee en te land
Auteur: Goeverneur, J.J.A.
Uitgave: 's-Gravenhage: Joh. IJkema, 1872 *
Groningen: Gebroeders Hoitsema
Opmerking: Bevat o.a. 'Mijne omzwervingen in Mexico' en 'Beelden uit Ceylon'
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-197
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204150
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Azië, (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Midden- en Zuid-Amerika
Trefwoord: Sri Lanka, Mexico, Reisbeschrijvingen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Ver over zee: merkwaardige tochten en ontmoetingen ter zee en te land
Vorige scan Volgende scanScanned page
45
Maar wie was nu eigenlijk deze vreemde en deze Ventura?
Geen der Jarocho's scheen hem te kennen ; doch ik nam
mij voor er, Carlos naar te vragen. Toen het donker was,
lag ik met mijn gastheer weder onder het voordak van zijne
hut, en ik had hem juist inlichting ten opzichte van de
beide vreemden gevraagd, toen ons gesprek door het gerucht
van voetstappen op het dorre gras werd afgebroken. Het
was Carlos' moeder. „Ik heb thans het spoor van den
moordenaar ontdekt," sprak zij. „Volg mij , en gij zult
het nader hooren."
Carlos sprong terstond op en verwijderde zich met de oude
vrouw. Na nagenoeg een uur kwam hij terug en zeide,
zich nevens mij op zijn deken uitstrekkende : „Ik behoef
nu mijn vertrek niet langer uit te stellen ; als gij het dus
goed vindt , willen wij morgen vroeg opbreken."
„Goed , ik heb er vrede mee ," antwoordde ik ; „maar
welken weg denkt gij in te slaan ? Weet gij, waar de
man , dien gij vervolgen wilt , te zoeken is ? "
„Wij gaan de kust langs. Mijne moeder heeft mij ver-
zekerd , dat de schipper Ventura mij meer kan zeggen, en
dien vinden wij aan de kust in Boca del Eio."
De naam van Ventura gaf mij eene geschikte gelegenheid
aan de hand , om mijn gastheer nogmaals naar de beide
vreemden te vragen; doch hij wist mij geen nadere inlich-
ting te geven.
Den volgenden morgen voor zonsopgang zadelden wij
onze rossen, en verlieten het nog in nevelen gehulde dorp
bij het eerste lichten van den dageraad.
e. EEN STORM.
De plaats, waar Vera-Cruz tegenwoordig staat, is niet
die, welke Cortez bij zijne landing op Mexicaanschen bodem
uitkoos ; want eerst tegen het einde der zestiende eeuw werd
de grond tot de hedendaagsche stad gelegd. Daar Vera-