Boekgegevens
Titel: Ver over zee: merkwaardige tochten en ontmoetingen ter zee en te land
Auteur: Goeverneur, J.J.A.
Uitgave: 's-Gravenhage: Joh. IJkema, 1872 *
Groningen: Gebroeders Hoitsema
Opmerking: Bevat o.a. 'Mijne omzwervingen in Mexico' en 'Beelden uit Ceylon'
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-197
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204150
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Azië, (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Midden- en Zuid-Amerika
Trefwoord: Sri Lanka, Mexico, Reisbeschrijvingen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Ver over zee: merkwaardige tochten en ontmoetingen ter zee en te land
Vorige scan Volgende scanScanned page
41
Herhaalde toejuiching antwoordde den spreker, die met
trotsche zelfvoldoening voortging: „Ik moet alleen nog
zeggen, dat ik in de noodzakelijkheid verkeer , om te win-
nen , daar ik voor pas een uur mijn laatsten reaal heb
verloren. Men wijze mij dus mijn offer aan."
Dit snoevend , den echten Jarocho ten volle waardig slot
droeg de algemeene goedkeuring weg. De redenaar wierp
een hoogmoedigen , uitdagenden blik op Carlos , die woedend
de vuisten balde , en verheugde zich reeds in de zekerheid
zijner overwinning.
„Nu, don Carlos," zeide hij na eene poos, „'tzal u
toch niet aan vrienden ontbreken, die bereid zijn, uwe
plaats in te nemen ?"
Op do luide toejuiching der omstanders was eene diepe
stilte gevolgd, waaraan echter plotseling dooreene onverwachte
tusschenkomst een einde gemaakt werd.
Op den weg, dien ik den vorigen dag gekomen was,
naderde een vreemde in den snelsten draf. Aller oogen
richtten zich op den komende, die in het dorp vreemd
scheen, doch in wien ik terstond den Jarocho herkende,
die mijne speelpartij met Cecilio gestoord had. Nadat hij ,
zonder nog een woord te spreken, zijn paard aan een boom
had gebonden , trad hij , voortdurend stom , nader bij de
esti-ade, trok zijn zwaard , aan welks greep een roode strik
fladderde, teekende daarmee een kring in het zand, en
plantte den degen in het midden daarvan.
Dit zonderlinge bezoek werd met diep stilzwijgen ontvan-
gen. Ik vroeg een bij mij staanden jongen man , wat het
in den grond gestoken wapen beteekende , en vernam , dat
daardoor de bezitter er van alle inwoners van het dorp en
alle tegenwoordigen ten kamp uitdaagde. De tegenpartij ,
welke Carlos' mededinger verlangd had, kwam dus juist op 't
geschikte tijdstip. Aller oogen zochten den grootspreker ,
die zich ditmaal in de noodzakelijkheid zag gebracht, om
zijne snoeverijen waar te maken ; maar deze had zijne nieuwe