Boekgegevens
Titel: Ver over zee: merkwaardige tochten en ontmoetingen ter zee en te land
Auteur: Goeverneur, J.J.A.
Uitgave: 's-Gravenhage: Joh. IJkema, 1872 *
Groningen: Gebroeders Hoitsema
Opmerking: Bevat o.a. 'Mijne omzwervingen in Mexico' en 'Beelden uit Ceylon'
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-197
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204150
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Azië, (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Midden- en Zuid-Amerika
Trefwoord: Sri Lanka, Mexico, Reisbeschrijvingen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Ver over zee: merkwaardige tochten en ontmoetingen ter zee en te land
Vorige scan Volgende scanScanned page
zelf opzettelijk bewerkt had. Meer nog dan deze vertragin-
gen , die zeker niet door toeval zoo op een dag plaats had-
den , wekten de langzame bewegingen der muildieren mijne
bevreemding. "Wat moeite men zich ook gaf, om hen tot
grooter spoed aan te drijven, toch schenen zij hunne vroegere
kracht geheel verloren te hebben , alsof men een ontzenuwend
middel onder hun voeder had gemengd. Toen wij tegen
den avond het dorp Las Vigas bereikten, hield de arriero
raad met den aanvoerder van het escorte. De eerste oordeelde
't geraden, in dat dorp te overnachten; doch don Bla^
stond er op , tot naar La Hoya te gaan , daar, zeide hij ,
eene zoodanige vertraging tot nadeelige geruchten te Vera-
Cruz aanleiding kon geven , waar men het transport op oen
bepaalden dag verwachtte. Ongelukkig voor den arriero
zette don Bias zijn wil door en werd besloten , tot La Hoya
te gaan.
2. DE VERRASSING.
Misschien nergens in geheel Mexico is het onderscheid
tusschen de temperatuur der vlakten en die der hoogten
grooter, dan in de nabijheid van Las Vigas, een klein,
ongeveer zeven uren van Jalapa verwijderd dorp, waarbij
men zich eensklaps als door tooverij midden in den plan-
tengroei van het ruwe noorden verplaatst waant. Hier
waait geen warm luchtje meer; de hemel is donker en
betrokken; een snijdende wind drijft de vochtige nevels
voor zich uit en de bodem is kaal, bar en onvruchtbaar.
De geheele streek was reeds in donkerheid gehuld, toen
wij Las Vigas omtrokken, en over het aardrijk lag een
zoo dichte nevel, dat wij elkaar bezwaarlijk nog onder-
scheiden konden. Langs den weg, die over bekoelde lava-
stroomen leidde, liep een diepe afgrond, en er moest dus
met de meeste zorg op gelet worden, dat de rijkbeladen
muildieren niet van hun smal pad afkwamen. Ik beken,