Boekgegevens
Titel: Opstellen met fouten tegen woordgronding, woordvoeging, stijl, enz.
Auteur: Bomhoff, Derk
Uitgave: Zutphen: A.E.C. van Someren, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 679 G 54
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204126
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Opstellen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Opstellen met fouten tegen woordgronding, woordvoeging, stijl, enz.
Vorige scan Volgende scanScanned page
31
51,
Eonon man, die de knaap was gevolgd, bevestigde do
bleide bootschap, en aanstons rukte de hopman Gerrit
van der Laan met zijn Schutters naar Lammen, om den
vlood te ontvangen. Twee afgezende galleijen bragten den
admiraal Boisot de tijding van de aftogt van de span-
jaarts. De verwijdering van de vijanden uit de schants is
het sein tot het vertrok des vloots; de palen aan den
ingang der Vliet worden opgcruimt, alle de hindernissen
zijn gelukkiglijk overwonnen, juigchend roeit de gansche
vloot de Vliet op. Zondag de 3de van wijnmaand,
's morgens om acht ure, werpt zij de ankeren digt voor
de stad.
"Welke vreugde verwekt de aankomst hier der redderen
waarmede leven en vrijheid terugkeeren. Wat voor uit-
berstingen van luid en algemeen gejubel, hoe veel tranen
der verrukking en der dank! „Leiden is gered! leiden
is vrij!" zo klinkt het door de geheele stad, en dezen
vreugdekreet drijft, als een stem van den Hemel, de
halve-dooden uit haar lang geslooten graf. Alles, wat
nog maar kracht heeft om zich te bewegen, wagchelt na
buiten, om de redders te zien en te verwelkommen; en
wel dra zijn de oevers des kanaals en van de Vlietbrug
met een dichte menschedrom van eiken ouderdom en ge-
slagt bedekt.
52.
Hier staan zij, de onlangs noch zoo gegoedde en ge-
lukkige inwoneren Leiden's, thans de treurigste beelden
van de menschlijke elcnde, en met hun magere licha-
men en ontvleeschte gezichten na levende geraamtes ge-
lijkende. Met woedende honger gefoltert, strekken zij
hunne handen en voeten uit, om brood, haringen en