Boekgegevens
Titel: Opstellen met fouten tegen woordgronding, woordvoeging, stijl, enz.
Auteur: Bomhoff, Derk
Uitgave: Zutphen: A.E.C. van Someren, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 679 G 54
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204126
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Opstellen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Opstellen met fouten tegen woordgronding, woordvoeging, stijl, enz.
Vorige scan Volgende scanScanned page
20
34
Francesco Valdes, op het naauwkeurigste onderricht
van de ontevredenheid en gebrek aan eendracht onder
de bewoners, bouwde op deze omstandigheden voor zijn
plan zoo gunstig, om door een onverhoedsche aanval de
stad in zijn macht te krijgen. Al de toebereidsels tot
een algemeene storm wierden gemaakt, en reeds was
den dag van de uitvoering bepaalt. Hij kwam, maar
den veldheer ^zweeg en den aanval had niet plaats. In-
dien men het bericht van de historieschrijver strada
mag geloven, dan was liefde en galanterie de weldadige
godheden, die hier zo onverwachts tusschen beiden kwa-
men, en de slagen van een nabij zijnd onweder van
leiden afwende.
35.
„Valdes", dus verhaald Strada, „was den vereerer
van een jonge Nederlandsche dame, die zich destijds
in de Haag ophielt en zijn gade werd in het vervolg.
Dikwijls gedurende het beleg bezogt hij de dame van
zijn hard en bereide eens ter harer eer een luisterijk
feest, waartoe, door een' toeval of misschien ook wel
met opzet, juist den dag voor de bepaalde storm ge-
koozen werd. Zij verscheen in het verzamelde talrijke
gezelschap; dog geensints met een gelaad van opgeruimt-
heid en vreugd, maar in diepe zwaarmoedigheid en zon-
der deel te nemen aan de vrolijkheid en de vermake-
lijkheden van het feest.
De spaansche veldheer ontging zijn geliefdes sombere
temming niet, en daar over vol onrust en ontsteldtenis,
bezweerde hij haar, om de rede van hare kommer hem
te openbaren. In het eerste weigerde zij het; eindlijk
op zijn herhaalde dringende beden autwoorde zij: „Hoe