Boekgegevens
Titel: Opstellen met fouten tegen woordgronding, woordvoeging, stijl, enz.
Auteur: Bomhoff, Derk
Uitgave: Zutphen: A.E.C. van Someren, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 679 G 54
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204126
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Opstellen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Opstellen met fouten tegen woordgronding, woordvoeging, stijl, enz.
Vorige scan Volgende scanScanned page
95
naam van schoolmeester, geen belangrijken indruk maken
bij hen, die pedanterie van den schoolmeester onafschei-
delijk achten.
229. Bleek echter de nuttigheid van nog andere (af-
deelingen) te openen, voorbehouden wij ons daartoe de
vrijheid, onverlet de stellige verzekering dat wij ons ver-
binden om in geen ander grondgebied over te gaan en
niets op te nemen dat ons niet regtstreeks als nieuwe
bouwstof voor de Nederlandsche letterkunde van eenige
waarde schijnt; daarmede wel uitdrukkelijk dichtstukken
van nog levenden, of andere opstellen , die gewoonlijk
onder den naam van mengelingen gaan, uitsluitende.
230. Intusschen men zou zich vergissen, indien men
zich een gewoon verzen-boekje met plaatjes voorstelde.
De laatsten welke bij zoodanige werkjes meestal toevoeg-
scis zijn, maken hier een onmisbaar gedeelte van uit. Het
zijn huisselijke tafercelen, welke in den tekst worden op-
geteekend, en in zoo ver wijkt het boekje eenigzins van
den gewonen vorm af.
231. Ik kon het aan hun spelen, hun spreken, hun
handelen ontwaren, dat zij wel begrepen, hoe zij werden
gadegeslagen; maar het was niet den strengen regter,
dien zij vreesden, maar het was den vader, den vriend
dien zij achtten.
232. Een slecht boek is ten allen tijde tot de slechtste
daden gerekend geworden, welke de mensch bedrijven
kan, want het is omloopend vergif.
233. Wij verbinden ons tot geen' bepaalden tijd van
uitgave of ruimte van bladzijden, beiden van do bouw-
stoffen kunnende afliangen. Indien de wijze waarop dit
eerste stukje wordt ontvangen ons aanmoedigt om het
onderwerp voort te zetten, is ons voornemen, de bladen