Boekgegevens
Titel: Staatkundig Nederland: een woordenboek tot de biographische kaart van dien naam
Auteur: Scheltema, Jacobus
Uitgave: Te Amsterdam: J. ten Brink, Gerritsz, 1805-1806
Opmerking: Eerste deel: A-K. - 1805. Tweede deels eerste stuk: L-S. - 1806. Tweede deels tweede stuk: T-Z. - 1806
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 2318 C 1,2
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204073
Onderwerp: Algemene werken: nationale biografische woordenboeken
Trefwoord: Nederland, Biografische woordenboeken (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Staatkundig Nederland: een woordenboek tot de biographische kaart van dien naam
Vorige scan Volgende scanScanned page
122 MO.
hoorn en anderen tegen den Kardinaal en di
Inquifitie; op zijne bruiloft zouden de eerfle be-
ginfelen van het verbond der Edelen ontRaaii
zijn. Hoe zeer hij hier in geen flellig deel nam,
werkte hij echter in den geest der bondgenooten,
door met andere Stadhouders, zop] fchriftelijk
als mondeling, te verklaren, liever zich van
hunne ambten te willen ontltaan, dan de Inqui-
fitie te h/indhaven en de plakkaten hier toe ftrek-
kende uittevoeren. In anderen zaken dc midden-
weghoudende, fcheen hij naar het oordeel der Land-
voogdes en van eenige der voornaamde Edelen,den
gefchikten man, om aan den Koning het plan van mo-
deratie voorteleggen en deze tot gematigder handel-
wijze te bewegen; hij vertrok naar Spanje; hoe zeer
ook van het gevaarvolle dezer last overtuigd vol-
hardde hij. In het eerst werd hij minzaam ont-
vangen, vervolgens om den tuin geleid en einde-
lijk na den intogt van al va hier te lande en
na het vatten van eg mond en zijnen broeder
gevangen genomen en op het Kafteel van Sego-
via geplaatst. Hier werd hij door het zingen
van eenige liederen, door vertrouwde perfonen,
die in het gewaad van) Bedevaartgangers zich
aldaar ophielden van den ftand der zaken en het
lot zijns Broeders verwittigd. Hij zocht zich
met de vlugt te redden; dit mislukte. Zijne zaak
werd intusfchen voor den Bloedraad bepleit; zijne
moeder en vrouw fmeekteu des Konings bruid,
om hare vooripraak, dan niets baatte; men ver-
gaf