Boekgegevens
Titel: Opstellen ter oefening in de Grieksche vormleer
Deel: 2 Verba op -mi en onregelmatige verba / door J.W. Beck
Auteur: Beck, J.W.; Wageningen, Jacobus van
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1893
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 112 : 1e dr. (dl II)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204062
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Opstellen ter oefening in de Grieksche vormleer
Vorige scan Volgende scanScanned page
82

Algemeene herhaling.
99.
1. Achilles werd^ over de ontvoering^ van Brisêis®, die hij
als krijgsgevangene had buit gemaakt'' + * (en) als eereprijs
gekregen had®, zoo verstoord^dat hij heen ging* + ® naar zijne
schepen (en) zich aan den krijg onttrok^+. 2. Gelijk de Grieken
Troja, zoo namen de Romeinen' Veji ® in 't 10e jaar der belege-
ring3. Hoe zou iemand groote dingen kunnen verkrijgen +
door geringe inspanning (pl.)? Wie", in plaats y«?«" })et
zedelijk goedete kiezen+ , (liever) 't aangename wil, betoont
zich" een onbeduidend mensch 5. Duizendmaal sterven + is ver-
kieslijker" dan met schande beladen'^'' te leven. 6. Hen, die in den
oorlog'® ontvluchten, pleegt de dood het eerst te grijpen"^^. 7. Kies +
de goddeloozen niet tot vrienden! 8. Zeg + mij, met wie gij
omgaat'® en ik zal u zeggen, wie ^o gij zijt. 9. Reeds dikwijls2'
is gezegd en zal het nog gezegd worden, dat wij niet leven
om te eten+, maar eten om te leven+. 10. Spreek geen kwaad +
van de dooden! 11. Als gij ongelukkig zijt, zult gij uwe vrien-
den kunnen leeren kennen 22.
' ßxpeu: (pépco. 2 xcp-xipéofixi tivx ti iem. iets ontrooven, part.
perf. pass., afhankel. van ßxpsug cpèpa. ^ n v.pm'ic (§). ^ xlxf^x-
Xurov x'ipéoi TIVX. ® yspxc Xxpißxva. ^ >cxr-spxofJ.xi. ' o'i 'Vu;j(,xToi.
® xTT-sxoi^xi Tivoq. ® OviJjwi. 'O = nadat zij het tien jaar lang bel.
hadden + (Trokiopusa). "5? xv. '2 door s^év c. inf. ^^xxXó:.
'4 2skvuf/,i if/,xutóv c. part. of oti. door cpxZxoc. = eerder te
kiezen (adi. verb.). "'door 't adv. van xhxpór. '"fv roïg ttoXs-
pcixoTg. ófiiXéa> rivi. 20 CTrohg. 21 •^roXXxxig 22 Ti-eïpxv
epxoi^xl Tivo? aor. opt. met xv.
100.
1. Themistocles was in staat' uit het verleden 2 de toekomst
(pl.) op te maken 2. Wat zullen u de schatten baten'',
als® het einde van uw leven gekomen is+. 3. Zich met de