Boekgegevens
Titel: Opstellen ter oefening in de Grieksche vormleer
Deel: 2 Verba op -mi en onregelmatige verba / door J.W. Beck
Auteur: Beck, J.W.; Wageningen, Jacobus van
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1893
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 112 : 1e dr. (dl II)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204062
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Opstellen ter oefening in de Grieksche vormleer
Vorige scan Volgende scanScanned page
55
Perzen voor de Grieken reeds vreeselijk (om) te hooren+. Toen**
zij (nu) geruimen tijd bij Marathon in gevecht waren^ (= streden),
overwonnen de barbaren het centrum^ en, na* de slagorde
verbroken te hebben +, vervolgden zij de vijanden naar de vlakte.
Op de^ beide (snxTspoc) vleugels (echter) overwonnen de Atheners
en de Plataeërs. Toen* zij overwinnaars waren^, lieten zij hen,
die*yv (op de zijde) der barbaren teruggeslagen waren, vluchten,
(maar) ze streden tegen hen, die*^ het centrum verbroken
hadden+, terwijl* zij de beide vleugels samenvoegden, en behaal-
den de zege. De^ vluchtende Perzen vervolgden + ze (evenwel) tot
aan de zee en ze wierpen+ , om (w? c. part. fut.) de schepen in
brand te steken, vuur in het water.
In dien slag kwam (= komt) de veldheer Gallimachus om.
(En) CynaegIrus.A., die* zich aan een schip vastklampte-^, stierf
(= sterft) toen* zijn hand door een bijl was afgehouwen+. De Athe-
ners maakten zevens, schepen buit+, met de^v. overigen zeilden de bar-
baren weg-^. In den slag bij Marathon sneuvelden+ van de barbaren
0400, van de>v Atheners (slechts) 192. (En) men zegt, dat {dicitur)
Philippides^, de renbode, die* de overwinning van Marathon
berichtte, aan de archonten, die * zaten (te wachten) en bezorgd
geweest waren omtrent den afloop van 't gevecht, luide verkon-
digde +: gegroet, wij zijn overwinnaars. En nauwelijks had hij dit
medegedeeld + of hij stierf + {= en tegelijk, dit medegedeeld
hebbende, stierf hij).
Nasalia.
ttvoj, 9i)-av(o, 5d)tv(o , xa{ji.v(o, xéjxvo), ßatv(o, èXaóvw.
68.
1. Orestes moest, ofschoon' hij door Apollo was aangespoord+ ^
(om) den moord ^ van Agamemnon te wreken +, zeer zwaar
boeten+. 2. Laten wij onze vrienden voorkomen+ met weldaden''.
' jixiwep c. part. ^ KeXeuu. ^ j (póvoc. door het part. aor. van
£u TTOiéca.