Boekgegevens
Titel: Opstellen ter oefening in de Grieksche vormleer
Deel: 2 Verba op -mi en onregelmatige verba / door J.W. Beck
Auteur: Beck, J.W.; Wageningen, Jacobus van
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1893
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 112 : 1e dr. (dl II)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204062
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Opstellen ter oefening in de Grieksche vormleer
Vorige scan Volgende scanScanned page
iO
Daarom verzamelden '' dezen velen (om) tegen ^ Arislides (op te
treden) (en) verweten + hem diefstal. Ofschoon® de eersten en
de voornaamsten ^ in den staat vertoornd op ® hem waren, werd
hij niet alleen van de beschuldiging vrijgesproken+ , maar ook
weder-' tot bestuurder gekozen+ . Toen'' hij deed alsof + de
vroegere (gebeurtenissen) hem (refl.) berouwden en alsof hij
verslapte + in zijn rechtvaardigheid, beviel hij aan hen, die'®
de staatsgoederen stalenzoodat" zij Aristides prezen + en
zich beijverden +, dat hij nogmaals ® (tot) archont gekozen
werd + . Toen ® zij nu wilden stemmen, berispte+ hij de Atheners.
Immers, zeide hij, toenik voor ul. getrouw mijn ambt waar-
nam+, deedt gij mij verwijlen+ , sedertik echter hen, die^^
veel van de staatsinkomsten gestolen hebben, met rust liet + ,
schijn ik een bewonderenswaardig burger te zijn. Zelf schaam
ik mij dus meer over mijn tegenwoordig i** eereambt dan over
het vroegere verwijt, en ik moet mij ook wel over i® u scha-
men (Aor. opt. met h), bij wie 't roemrijker is het slechte
door de vingers te zien+ dan de staatsinkomsten te bewaken.
Toen'' hij dat gezegd had+ en de diefstallen aan het licht had
gebracht +, legde hij + hen, die^^ toen tegen i® hem luide hun stem
verhieven 't zwijgen op ^o en hij werd door de besten in den
staat zeer geprezen+ .
''part. ^ swi c. acc. '^gen.abs. de besten. ® dativus.
® '"t« koivx. ^^ xirre (Reg. 29). SVf. sttsI. ^''vüv.
TrpÓTspov. i® -jTrsp. ^^ Trxpó, c. dat. schreeuwen. -n-pói; c. acc.
20 TTotsu c. inf.
11.
gestrengheid van een vader.
Een Pers', met name ^ Racöces had ® zeven zonen. De jongste
van dezen heette '' Cartömes, en ^ hij deed zijn broeders altijd''
veel kwaad''. En eerst® beproefde zijn vader hem te leeren + en
1 Verg. vir Romanus. ^ acc. ^ Wv (mihi sunt). '' = was genoemd.
5 §£. ® §(«t£a£w c. part. ^ plur. ® tx f^h xpurx.