Boekgegevens
Titel: De waarde der wiskunde voor de beoefening der physica: redevoering ter aanvaarding van het hoogleeraarsambt aan de Utrechtsche Hoogeschool uitgesproken den 16den October 1867
Auteur: Grinwis, C.H.C.
Uitgave: Utrecht: Kemink en zoon, 1867
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. W.G. A t 10
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204013
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen, Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Wiskunde, Natuurkunde, Redes (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De waarde der wiskunde voor de beoefening der physica: redevoering ter aanvaarding van het hoogleeraarsambt aan de Utrechtsche Hoogeschool uitgesproken den 16den October 1867
Vorige scan Volgende scanScanned page
6
hoogst eenvoudige daadzaak; eerst in de 15® eeuw
werd door william gilbert de aandacht op meerdere
verschijnselen van denzelfden aard gevestigd; de om-
standigheden, die eene dergelijke aantrekking van
ligte ligchamen vergezelden werden daarna beter on-
derzocht, men stelde zich in staat die werking op
ruimer schaal voorttebrengen en bereidde zich dus
voor tot eene groote reeks van nieuwe onderzoekin-
gen op dit gebied van natuurkennis.
franklin, volta, oersted herinneren ons de groot-
ste ontdekkingen in dit deel der physica. De elec-
triseermachine en Leydsche flesch, de galvanische
batterij, de inductie rol maakten voor elkander plaats.
Tal van ontdekkingen en toepassingen werden ons
bekend; de verklaring van het onweder en de blik-
sematleider, de electrolyse en de galvanoplastie, vooral
het electromagnetisme en de electrische telegrafie be-
hooren tot de groote lichtpunten op dit gebied van
kennis; doch buitendien gaven de electrische verschijn-
selen tot zoovele bijzondere toepassingen aanleiding,
dat zoo er sprake is van de wonderen der weten-
schap , van den vooruitgang onzer eeuw, terstond aan
de electriciteit gedacht moet worden. Zij heeft niet
weinig tot de ontwikkeling der nijverheid bijgedragen
zoodat, wanneer wij vaak in onzen tijd de meening
hooren verkondigen dat de natuurwetenschap met
snelle schreden voorwaarts gaat, dit wel bij uitstek
geldt voor deze zoo gewigtige tak der physica.
Wij moeten echter in dit ons oordeel voorzigtig
zijn en onzen lof eenigzins beperken. Zonder iets te