Boekgegevens
Titel: Leesboekje voor kinderen
Deel: 2e stukje Ingerigt naar de vierde en vijfde leestafel van den heer P.J. Prinsen
Auteur: Backer, H.G. de
Uitgave: Zalt-Bommel: Joh. Noman en zoon, 1857
11e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 354 : 11e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204010
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leesboekje voor kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
11.
zie zoo, nil heb ik mijn boek bij-na
wit. — een r eus is.....— t oon ! is
h et m eel g eel ? — d oe g- aauw uw
g oed aan. — de k uip is r uim. —
h et is m is ; ik eet g een' v isch. —
h ijseh h et h out om-h oog. — ik
w asch de w asch. — m aak g een ge-
r aas. — dem eid g aat r oor-b ij. —
der isch is g aar. — ik h oud z eer
V eel T an T isch, — d e z on is v er
V an h ier. — h et v uur is. ....
is de roos al-tijd rood? — wie is
lui? — hier is een' koe, een fch aap
en een 1 am. — d aar z ie ik n og een
d ier : h et is een v os. — n oem m ij
n og een d ier of w at. — och ! j aag
d ie h en t och n iet. — w at h eet m en
een lijk ? — w at z iet g od n ooit ? —
ach! d ie m au k an n iet zien. — h et
d oet m ij 1 eed, d at d ie m an n iet
zien kan. — waar-om kan die man
niet Eien? — ver-lies ik goed, dan
t och g een' m oed.