Boekgegevens
Titel: Zedelijk onderwijs voor kinderen, tot regeling van derzelver gedrag in- en buiten de schoolen
Auteur: Jungst, J.P.; Anslijn, N.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme, 1833
Nieuwe uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 751 J 13
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203951
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Ethische vorming, Deugden
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zedelijk onderwijs voor kinderen, tot regeling van derzelver gedrag in- en buiten de schoolen
Vorige scan Volgende scanScanned page

^ 7Ö —
V. Hoe kunnen wij dit liet best voorkomen?
A. Door ons geweten altijd zuiver en onbe-
vlekt te bewaren voor God en menschen.
V, Hoe noemt men dit?
A. Een goed gewtten te hebben. ^ v
V. Waardopr weet men dat menden 'goed
geweten heeft?
A. Door dat inwendig gevoel van blijdschap
en gerustheid, hetwelk wij bij else goede daad
ondervinden
V. Welke zijn de voorregten, die daaruit
voortkomen ?
A. Een goed geweten bezorgt ons de zaligste
genoegens, die de mensch op aarde genieten kan;
het laat ons in den gmotstcn nood niet verlegen,
en geeft ons bij het sterven den besten troost.
V. Wat is ons noodig om een goed geweten
te verkrijgen en te behouden?
A. Hiertoe is vooral noodig eene duidelijke
kennis van al onze pligren, een bestendige lust
en een aanhoudende ijver om dezelve te vervullen.
V. Hoe kunnen wij dia verkriigen?
A. Het voornaamste middel hiertoe is de
Christelijke godsdienst.
V. Waarorntrent onderrigt ons dezelve?
A Zij maakt ons met al die, waarheden be-
kend, welke wij tot on^en troost en tot ons ge-
luk te weren noodig hebben.
V. Kan dezelve ons niet meer leeren?
A. Ja, zij gerft ons ook eene duidelijke aan-
wijzing, hoe de mensch al zijne daden overeen-