Boekgegevens
Titel: Zedelijk onderwijs voor kinderen, tot regeling van derzelver gedrag in- en buiten de schoolen
Auteur: Jungst, J.P.; Anslijn, N.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme, 1833
Nieuwe uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 751 J 13
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203951
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Ethische vorming, Deugden
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zedelijk onderwijs voor kinderen, tot regeling van derzelver gedrag in- en buiten de schoolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 6i — =
V. Waarin bestaat dit voornamelijk?
A. In het houden van onze belofte.
Nimmer moet gij veel beloven ,
Houden steeds uw woord opregt;
Zoo dat ieder staat kan maken
Op al 't geen gij tot hem zegt.
V. Waarin moet men eerlijk zijn?
A. In het koopen en verkoopen; in het ge-
regeld opbrengen en betalen van hetgene men
schuldig is, en in het algemeen in onzen gehee-
len handel en wandel.
V. En waarin eindelijk?
A. , In het vaardig terug geven van het ge-
borgde of geleende; in de zorgvuldige geheim-
houding van het aanvertrouwde, en in het te-
rug geven van gevonden goed.
V. Kan men met gevonden goed ook on-
trouw handelen?
A. Ja, als men het gevonden goed niet we-
der geeft.
V. Hoe moet dan een kind iets, dat het ge-
vonden heeft, terug geven?
- A. Ongebruikt, onbeschadigd, en zoo schie-
lijk als het mogelijk is.
V. Waarom schielijk?
A. Die iets verloren heeft, is daarover droe-
vig, en men moet, zoodra men kan, hem van
die droefheid ontheffen.
V. Kan een kind daarvoor ook belooning
vragen ?
/