Boekgegevens
Titel: Zedelijk onderwijs voor kinderen, tot regeling van derzelver gedrag in- en buiten de schoolen
Auteur: Jungst, J.P.; Anslijn, N.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme, 1833
Nieuwe uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 751 J 13
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203951
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Ethische vorming, Deugden
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zedelijk onderwijs voor kinderen, tot regeling van derzelver gedrag in- en buiten de schoolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
_ 51 —
vervallen ligtelijk tot veel kwaad, ' en maken
daardoor ons zeiven en anderen ongelukkig.
V. Wat moet een kind doen, als er iets op
tafel is, dat het wel sn^aakt?
A. Zorg dragen, dat het daarvan niet te gul-
zig of te veel eet: want te veel op denen keer
te eten is ongezond:
Aan tafel moet gij nooit de wijze spreuk vergeten :
Men eet opdat men leev', doch leefc niet slechts om
te eten.
Begeert gij, lieve jeugd!
Gewondheid, sterkte, en vreugd?
Ja, wenscht gij lang te leven ?
Dan raoec gij in 't genot
Der gaven, die u God
Tot voeding heeft gegeven,
U nooit te buiten gaan:
Die komt u duur te staan !
V, Welke welvoegelijkheid moet men bij het
eten in acht nemen?
A. 1« Men legge het-mes en de vork altijd
ter regter en het brood ter linker. zijde.
2. Men neme het bord nooit te vol, of op
éénen keer te veel.
3. Men neme niet veel te gelijk in den lepel
of op de vork, want dit staat leelijk, even
als of men bevreesd is niet genoeg te zullen
krijgen.
4. Men wachte, tot ons voor^ediend ot een
4*