Boekgegevens
Titel: Zedelijk onderwijs voor kinderen, tot regeling van derzelver gedrag in- en buiten de schoolen
Auteur: Jungst, J.P.; Anslijn, N.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme, 1833
Nieuwe uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 751 J 13
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203951
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Ethische vorming, Deugden
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zedelijk onderwijs voor kinderen, tot regeling van derzelver gedrag in- en buiten de schoolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 22 —
bemint, dan zoekt men hem re behagen, en dan
doet men gaarne, wat hem aangenaam is.
, ' God "bemint die hem beminnen :
O, Hij schenkt hun zoo veel^ goed !
Eenmaal treft het onheil zeker
Hem, die 't kwaad moedwillig doet:
Dus zij al mijn levenstijd
God en zijner dienst gewijd.
V. Moeten wij God ook niet bidden, loven,
en danken ?
A. Ja: want Hij is het, van wien wij alles
hebben en verwachten moeten, en die ons, enkel
uit vaderlijke liefde , zoo veel goeds bewijst.
V. Kan een kind ook weten, hoe het bidden
moet ?
A. Ja: hét kan zulks eenigzins nagaan, als
het bedenkt, hoe men tot een' voornaam* Heer
spreekt, wanneer men hem iets verzoèlvt, of hem
voor eene weldaad dankt.
V. Hoe moeten wij God dan bidden ?
A. Met aandacht, eerbied, onderwerping, en
vertrouwen, en met een opregt en liefderijk hart.
V. Om welke dingen mogen wij altijd bidden?
A. Om een verlicht yerslahd, een deugdzaam
hart, en vergeving van zonden,
V. En als wij om eenig bijzondei- wereldsch
geluk bidden, wat moeten wij er dan bijvoegen?
A.. Dat God onze bede moge verhooren, in-^
dien hetgene wij bidden voor ons waarlijk goed
en nuttig zij.