Boekgegevens
Titel: Zedelijk onderwijs voor kinderen, tot regeling van derzelver gedrag in- en buiten de schoolen
Auteur: Jungst, J.P.; Anslijn, N.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme, 1833
Nieuwe uitg.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 751 J 13
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203951
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Ethische vorming, Deugden
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zedelijk onderwijs voor kinderen, tot regeling van derzelver gedrag in- en buiten de schoolen
Vorige scan Volgende scanScanned page
— la —
maar stil aan de deur zoo lang blijven staan, tot
dat het gebed geëindigd is, ten einde de aandacht
niet te storen.
V. FFoe heeft zich een leerling onder het ge-
bed en het stichtelijk gezang te gedragen?
A. Hij moet alle oneerbiedigheid vermijden ,
en met aandacht en diepen ootmoed medebidden
en zingen.
V. Waarom moet hij zulks doen?
A. Omdat wij alles, wat wij hebben en ge-
nieten, aan God te danken hebben.
V. Wanneef eens achtingswaardige personen in
de school kómen, hoe hebben zich dan de kinde-
ren te gedragen?
A. Dan moeten zij dezen, door eene stille
buiging, op eene welvoegelijke wijze, hiuine
achting betoonen.
V. En hoe moeten kinderen zich gedragen
gedurende den tijd, waarin hun onderwijzer door
eenig persoon, die niet tot de school behoort,
wordt opgehouden in het onderwijs, en verpligt
is met hem te spreken?
A. Dan moet ieder kind zich stil houden, en
met leeren voortgaan ; of, zoo dit niet kan ge-
schieden , stil voor zich in eenig boek zien, en
geene nieuwsgierigheid , hoegenaamd, naar het
gesprek aan den dag leggen.
V. En hoe behooren kinderen zich te gedra-
gen, wanneer zoodanig persoon de school verlaat,
en de meester hem tot aan d'é deur geleid ?
A. Hem vriendelijk aanzien, en beleefd door