Boekgegevens
Titel: Regtlijnig teekenen: gronden der axonometrie
Auteur: Baudet, P.J.H.
Uitgave: Utrecht: J. van Boekhoven, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. W.G. F 30
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203916
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Meetkunde, Axonometrie, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Regtlijnig teekenen: gronden der axonometrie
Vorige scan Volgende scanScanned page
ff.\
De driehoek AO'B is nu de projectie van den
regthoekigen driehoek AOB, die in zijne ware grootte
zal verkregen worden, door op AB een hal ven cirkel
te beschrijven en O'T tot in den omtrek in O te
verlengen en AO en BO te trekken. AO' en BO' zijn
nu de projectiën van AO en BO.
Neem nu uit O, op AO, OK = 5 d", en op
BO, 0L = 4 d», en trek KK' en LL' beide evenw.
met 00', dan zijn 0'K' en 0'L' de projectiën van
OK en OL. Op gelijksoortige wijze, of door gebruik
te maken van de verhouding m: p, wordt 0'M' ver-
kregen, en, aangezien evenwijdige lijnen evenwijdige
projectiën hebben, worden de projectiën der andere
ribben geconstrueerd, door M'Q' en LT'beide even-
wijdig met OA en evenzoo de projectiën der andere
ribben evenwijdig met de projectiën van die assen te
teekenen, waarmede de ribben zelve evenwijdig loopen.
§ 13. In plaats van de gegevene afmetingen eerst
in hare ware grootte te teekenen en dan te projec-
teren, zoo als in de vorige constructie is geschied,
kan men vooraf verschillende schalen maken, gel-
dende voor lijnen, die in de verschillende assen
liggen of daarmede evenwijdig loopen. Deconstructie
van het volgend werkstuk zal dit nader aanwijzen.
Werkstuk. Een regthoekig regelmatig zeshoekig prisma
monodimetriscJi (n:m:p = 1:2:2) te teekenen, onder de
volgende bepalingen: de zijde van het grondvlak zij 3 d™,
de a1 standen van het middelpunt des omgeschreven cirkels