Boekgegevens
Titel: Regtlijnig teekenen: gronden der axonometrie
Auteur: Baudet, P.J.H.
Uitgave: Utrecht: J. van Boekhoven, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. W.G. F 30
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203916
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Meetkunde, Axonometrie, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Regtlijnig teekenen: gronden der axonometrie
Vorige scan Volgende scanScanned page
; ■«■-»KssastMon
fjederlandscli Sohoolmusoum
gradil 11, t| de Prinsi
AMSTERDAM

11.
ONTWIKKELING DER AXONOMETRISCHE
FORMULES.
§ 6. Indien op de drie coördinaten assen, uit
O, willekeurige stukken OA == a, OB = b, 00 = c
genomen worden, en door A, B en C een vlak ge-
legd wordt, zijn a, b en c de parameters van dat
vlak. Fig. 5.
Trekt men voorts OD loodr. op AB en ook CD,
dan staan vlak GOD en CD loodr. op AB, en dus
is vlak COD ook loodr. op vlak ABC. De loodlijn
00', uit O op vlak ABC neêrgelaten, ligt dus in
vlak COD en O' valt in CD.
Bescbrijft men op gelijksoortige wijze AF en BE,
dan zal 00' de gemeene doorsnede zijn der vlaklcen
COD, AOF en BOE.
Hieruit volgt, dat 0'A, 0'B en 0'C de projectiën
zijn van OA, OB en OC. Stel voor die projectiën
a', b' en c'.
§ 7. Vereenigt men voorts de voetpunten der
loodlijnen D, E en F, dan worden de hoeken des
2