Boekgegevens
Titel: Regtlijnig teekenen: gronden der axonometrie
Auteur: Baudet, P.J.H.
Uitgave: Utrecht: J. van Boekhoven, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Br. W.G. F 30
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203916
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Meetkunde, Axonometrie, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Regtlijnig teekenen: gronden der axonometrie
Vorige scan Volgende scanScanned page
ff.\
de figuur zelve, temajl het trekken van enkele
hulplijnen kan aanvullen, wat uit die ééne projectie
nog niet duidelijk mogt blijken.
Bovendien zijn nu drie getallen voldoende om
aan te wijzen in welke mate, in de teekening, de
lijnen die evenwijdig met eene der assen loopen,
zijn verkort, waaruit gemakkelijk de verhouding
der lijnen zelve is op te maken.
Een eenvoudig voorbeeld moge bovenstaande be-
weringen staven.
In Tig. 1 zijn de horizontale en verticale projec-
tiën van een houten stel geteekend. In Fig. 2 is
hetzelfde voorwerp axonometrisch voorgesteld. De
bijgevoegde getallen wijzen aan, dat de lijnen, even-
wijdig met de as OY, 2 maal meer verkort zijn,
dan die welke evenwijdig met de beide andere assen
loopen, terwijl de rigting der assen, die daarbij is
aangegeven, duidelijlc de regte hoeken in de figuur
doet kennen.
De afmetingen der lijnen die de drie hoofdrig-
tingen volgen, worden daardoor bekend. Voor het
vinden van de lengte en den stand van lijnen, in
andere rigtingen getrokken, is dan nog eene kleine
herleiding noodig, die in het vervolg zal worden
aangewezen. Met regt zou men kunnen beweren,
dat het projecteeren op een willekeurig hellend vlak
niets nieuws is en in de beschrijvende meetkunde
gedurig voorkomt. De axonometrie onderscheidt