Boekgegevens
Titel: Driehonderd volzinnen, zijnde spreuken, opstellen, enz.: ter verbetering voor de hoogste klasse eener lagere school
Auteur: Allirol, J.
Uitgave: Tiel: Wed. D.R. van Wermeskerken, 1861
3e dr
Opmerking: De 1e dr. (1850) o.d.t.: Driehonderd volzinnen, spreuken, opstellen, enz
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 92-155
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203906
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Linguïstiek, Spelling, Nederlands, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Driehonderd volzinnen, zijnde spreuken, opstellen, enz.: ter verbetering voor de hoogste klasse eener lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
44
de ronde scliijve half ligt is noemt men het eerste
kwartier.
270. Als zij zich bevind tegen over de zon aan de
andere kant van de aarde is het volle maan,
en is hij in eenen regten lijn met de aarde en
met de zon, dan vallen de schaduwen der aarde
op haar, bedekken haar geheellijk of gedeelte
lijk en het is maneklips verduistering.
271. Van het verlichtte halfrond zien wij nu elke
dag een kleinder portie, en wij noemen het
laatste kwartier als wij nog de kwartschijf zien.
Wat is wasscheiide en afnemende maan?
272. Waar blijven toch al die oude maanen, als er
•weer een nieuwe kompt," vroeg eenmaal eens
een leepert. Het zij om zich ten zijnen koste te
verblijden het zij dat de antwoordder even wijs
was dan de vrager, maar deze wierd toegevoegd;
wel daar worden de starren //Van geslagen."
273. De noorden en oosten wind is gewoonlijk koud
en schraal de zuidewind warm en de •weste
regenachtig en vochtig.
274. De heer B is over de oceaan overtrokken, om
eenige fraaije tijgersvellen te koopen, ten einde
zijne canapé daarmede overgetrokken worde. Van
af de keerkring tot bij de Linie had hij de wind
standvastig doch toen hadden zij te vechten te-
gen windstilte en tegen wispelturige wind.
275. Een leepert, die eene tabakdoos in Leiden wil-
lende kopen, wierd gezegd dat hij zulks in
Amsterdam een paar stuivers minderkooper te
krijgen had. Hij had dus op een schoone dag