Boekgegevens
Titel: Driehonderd volzinnen, zijnde spreuken, opstellen, enz.: ter verbetering voor de hoogste klasse eener lagere school
Auteur: Allirol, J.
Uitgave: Tiel: Wed. D.R. van Wermeskerken, 1861
3e dr
Opmerking: De 1e dr. (1850) o.d.t.: Driehonderd volzinnen, spreuken, opstellen, enz
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 92-155
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203906
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Linguïstiek, Spelling, Nederlands, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Driehonderd volzinnen, zijnde spreuken, opstellen, enz.: ter verbetering voor de hoogste klasse eener lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
40
252. Hoevelen zijn er daar niet, die het eerste en
het schoonste gedeelte van ons leven gehrnicen,
zoodanig, om het latere, volgende ongelukkgte
maken.
253. Die te groote hoopen koesterdt, heeft hem dik-
wijls misgerekent. Hij die in zijne vewag-
tingen teloorgesteld is, ziet men meestal tewo-
nelijk de schuld schuiven aan verkeerde oorza-
ken, daar het buitensporige zijner weischen
niet altijd zoo kan aangewezen, als hij, iie in
een rekenkundig voorstel zich misrekend heeft.
254. Gelukkig hij, wien de wereldt in haa' juiste
waarde weet te schatten en te taxéren.
255. Wie God bewaard, is wel bewaart!
Dat denkbeeld sterkt den droeven,
Hoe vol gevaars zijn pat ook zij,
Blijf hem steeds dit vast vertrouwen lij,
Hij mordt niet bij de groeve.
256. Wanneer indien dat de indianen in let een of
ander meir den waterslang, dien dezilvsn Ca-
mondi noemt, ontdekken, beslooten zij Z3 dood
te maken. Zeer gevaarlijk is 't ze djdit bij
te komen, daar dezelve iemand ziende nderen,
haar kop dreigent op heft. De beweginpn des
ondiers maken de jagers weldra op haai hoede
zijn. Voorzigtig gaan zij hetzelve nadeen, en
wierpen het een strik om de hals vai welke
het end aan een paard vast is gemasct. Nu
zweep men hetzelve voort en word ö slange
uit hare schuilplaas uitgetrokken: De sang, of-
schoon niets onverproeft latende om ii vrijheid
te geraken, geraakt echter door ds paards
voortdurige hollen buiten staat haar e kunnen
verweeren en dan doodden de indiaan dezelve
gemakkelijk, door dezelve met een bijl af te