Boekgegevens
Titel: Driehonderd volzinnen, zijnde spreuken, opstellen, enz.: ter verbetering voor de hoogste klasse eener lagere school
Auteur: Allirol, J.
Uitgave: Tiel: Wed. D.R. van Wermeskerken, 1861
3e dr
Opmerking: De 1e dr. (1850) o.d.t.: Driehonderd volzinnen, spreuken, opstellen, enz
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 92-155
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203906
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Linguïstiek, Spelling, Nederlands, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Driehonderd volzinnen, zijnde spreuken, opstellen, enz.: ter verbetering voor de hoogste klasse eener lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
22
90. Waar iemand zweld van trotsen waan,
Die mist terstont den regten b,...;
Want die op eigene wijsheid staat.
Pleegt in 't gemeen met niemand......
Als met zijn eigen iedel brein.
En dat is maar dikmaal al te klein
Om recht te weten wat d'er schuild.
Des word hij licht gebottemuild.
Gij daarom wilt gij gaan gewis,
Pleeg' raat met een dien wijzer is. J. Cats.
91. De spanjaards brachten goud uit amerika en wier-
den trotser en luijer. Dog het goud maakt hem
zelve goedkoop en bemint ook nijvre volken. Zoo
verdweent den rijkdom uit spanjen, maar de trotscli
en de luiheid bleef.
92. Eert uwen ouders, opdat haren zegen over u
koomt, de zegen des ouders bout het huis der
kinder, doch hunne vloek breekt hetzelve af.
93. Eere de kinderen, dien men de kroonharer ou-
ders mag kunnen noemen!
91. Welslaagt gij ook niet in alles, is dit echter geene
rede om alles te nalaten.
95. 't Valt licht een menscli te helpen maar.
Dit kies te doen, valt uiters zwaar.
96. Zeker onnoozle knaap dikwijls ziende, dat zijn
kamerraads haar met zwemmen en baaden ver-
maaktten, dagt dat hij daarmede aok wel te regt
zou komen, zeggende hij: o heden? is 't anders
niet, dan kan ik zagts naar doen, mijnen armen
en beenen kan ik ommers zoo goed van me afgooi-
jen en dan tusschen beide zoo reis effentjes proes-
ten dan die jongens.
97. Hij trekte daarop zijn pakjen uit. smijt het op