Boekgegevens
Titel: Eenvoudig leerboekje over den Christelijken godsdienst
Serie: Handleidingen bij het godsdienst-onderwijs, E
Auteur: Ham, K.G.F.W.
Uitgave: Schoonhoven: S. & W.N. van Nooten, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4356
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203857
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: algemeen
Trefwoord: Geloofsleer, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eenvoudig leerboekje over den Christelijken godsdienst
Vorige scan Volgende scanScanned page
27
Bij onspoed en smart is de godsdienst een bron van
ware troost en kracht.
а. Hoe leert de godsdienst de smarten des levens be-
schouwen en dragen? 1 Kor. 10 : 13&; Klgl. 3:33;
Hebr. 12 : 10&; Rom. 8 : 28.
б. Is lijdelijke berusting in het leed ook een teeken van
godsdienst? 1 Sam. 3 : 18J.
3. Welken invloed hzeft de godsdienst op het arbeiden
aan onze levenstaak?
De godsdienstige mensch arbeidt aan zijne levenstaak
met opgewektheid, ijverig en getrouw.
a. Aan welke gevaren staan wij bloot bij den arbeid aan
onze levenstaak? Heb. 12 : 12; Joh. 6 : 27.
b. Hoe behoedt de godsdienst ons voor die gevaren ? Joh.
4: 34; 5: 17; Mt. 6 : 21.
4. Is de godsdienst alleen onszelven ten zegen?
De godsdienst brengt niet alleen onszelven zegen aan,
maar maakt ons ook tot een zegen voor anderen.
a. Hoe zijn wij door onzen godsdienst een zegen voor
anderen? Mt. 5 : 13—16.
§ 19. De zegen van den godsdienst. (Vervolg.)
1. Draagt de godsdienst alleen vruchten voor dit leven ?
De godsdienst draagt niet alleen vruchten voor dft
leven, maar vervult ons ook met vaste hoop op een
betere toekomst. (1 Tim. 4 : Sb.)
a. Hoe heeft Jezus van het geloof aan de onsterfelijkheid
getuigd Lk. 20 : 34—38; 23 : 46?