Boekgegevens
Titel: Eenvoudig leerboekje over den Christelijken godsdienst
Serie: Handleidingen bij het godsdienst-onderwijs, E
Auteur: Ham, K.G.F.W.
Uitgave: Schoonhoven: S. & W.N. van Nooten, 1880
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4356
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203857
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: christelijke leer: algemeen
Trefwoord: Geloofsleer, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Eenvoudig leerboekje over den Christelijken godsdienst
Vorige scan Volgende scanScanned page
19
a. Helder dit eens op uit de gelijkenis van den verlo-
ren zoon.
b. "Wat beweegt God, om ons de zonden te vergeven?
Ps. 25 : 11.
c. Kunnen wij bij God vergeving vinden, als wij elkander
niet willen vergeven? Mt. 6 : 14 v.; 18 : 23—35.
4. Wat moet op de bekeering volgen?
De bekeering moet gevolgd worden door de heilig-
making of heiliging, d. w. z. door het ernstig
streven om ons godsdienstig leven te bewaren en te
versterken,
a. Is dan bekeering zonder heiliging niet voldoende?
Rom. 6 : 1 v.
Hoe bhjkt uit de heiliging de oprechtheid der bekee-
ring? Mt. 7 : 17 v.
c. Welke opwekkingen tot heiliging lezen wij Hebr. 12:
14; 1 Petr. 1: 15 v.?
§ 13. Van de heiliging.
1. Wat wordt tot bewaring en versterking van ons
godsdienstig leven vereischt?
De bewaring en versterking van ons godsdienstig leven
vereischt gedurige zelfbeproeving, waakzaamheid en strijd.
Cl. Waarom is dat alles noodig ? Rom. 7 : 22 v.; Gal. 5 : 17.
2. Wat is zelfbeproeving?
Het beproeven van ons zeiven bestaat daarin, dat wij
ons innerlijk bestaan toetsen aan den wil van God.
a. Waarom zegt gij, dat wij ons innerlijk bestaan moeten