Boekgegevens
Titel: Dichtbij en veraf: kleine aardrijkskunde
Auteur: Doeleman, A.
Uitgave: Tiel: D. Mijs, 1890
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3425
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203851
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Dichtbij en veraf: kleine aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
24
§ 32. Wanneer men het Z. deel van Limburg wegdenkt,
komt Nederland in vorm het meest met een paralleiogram
overeen. De grootste diagonaal van dit paralleiogram is de
lijn, die Delfzijl met Sluis verbindt. Utrecht ligt ongeveer in
het midden des lands.
De oppervlakte van Nederland bedraagt ruim 600 vierk.
geogr. mijlen of 33"000 vierk. KM. of 3'300'000 HA. In
vergelijking van de meeste andere landen van Europa is
Nederland klein (Groot-Brittanje en Ierland is bijna 10 maal
Ned., Frankrijk 16 maal, Duitschland 17 maal, Oostenrijk-
Hongarije 20 maal, Rusland 150 maal.)
Als koloniale mogendheid wordt Nederland alleen door
Engeland overtroffen. Duitschland en Frankrijk hebben samen
minder oppervlakte dan onze bezittingen in Oost en West.
Opgaven.
1. Waar vindt men de zuidelijke Nederlanden?
2. Zouden alle Belgische provinciën lot het laagland moeten
gerekend worden?
3. W^elke Zeeuwsche en Zuid-llollandsche eilanden hebben
duinen?
4. Waardoor is Scheveningen geen groote koopstad?
5. Hoe zou men aan het woord slaperdijk gekomen zijn?
6. Noem de Wadden-eilanden; ook de Zuiderzee-eiL en
zeg tol welke provinciën ze behooren.
7. Wal zijn doode sleden? Noem er.
8. Waarom is het graven van den Nieuwen Waterweg
in hel nadeel geweest van Hellevoetsluis en Brouwershaven?
9. Welke stad zou geleden hebben door hel graven van
het Noordzeekanaal?
10. Waarom lossen de schepen niet te IJmuiden in plaats
van te Amsterdam?
11. Waarom is Westkapelle geen badplaats, Domburg wel ?