Boekgegevens
Titel: Geschiedenis der Nederlansche letterkunde: voor gymnasiën en zelf-onderricht
Auteur: Hofdijk, W.J.
Uitgave: Amsterdam: Gebroeders Kraay, 1864
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 91-60
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203771
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Trefwoord: Bellettrie, Nederlands, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Geschiedenis der Nederlansche letterkunde: voor gymnasiën en zelf-onderricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
39
hilde. Door het recht des oorlogs is zy de verloofde
bruid geworden van herwig, een jongen Koning van
Zeeland; en nu deze door Siegfried van Moorland wordt
aangevallen, trekt HETTEl met zijne helden hem ter
hulpe. Hartmoet van Normandiè, eenmaal door goe-
droen afgewezen, trekt thands met zijn vader lodewijk
onverwachts naar het rijk der Hegelingen, overweldigt
hettels stad en burcht Matelane, en voert goedroen
met hare gezelline Hildburg en vele Jonkvrouwen in
gevangenschap wech. Op het Wulpensand of den Wul-
penwaard, op Catzand, waar de roovers zich aan een
woeste plaats hadden gelegerd, worden zy echter door
hettel achterhaald en na een feilen strijd geslagen,
maar ten koste van zijn leven. De Hegelingen, met
herwig en wate, iiorrand en ortwein aan het hoofd,
wreken grimmig des Vorsten dood. De strijd duurt voort
tot in de nacht; en eerst als horrand, door de duis-
ternis misleid, zijn neef doodt, wordt dit het treurig sein
tot het einde van hot gevecht voor dien dag. Maar met
den anderen morgen zijn de Bourgondiërs heimelijk ont-
vloden , en hunne zeilen reeds niet meer in 't gezicht. De
Hegclingen trekken mistroostig te rug, en goedroen,
die standvastig blijft weigeren hartmoet te huwen, wordt
door zijne moeder gerlinde, „die boze duivelin", tot
allerlei vernederenden arbeid gedwongen; zelfs hare edel-
geboren Jonkvrouwen, die gewoon waren edelgesteente
en goud door zijde te vlechten, werden genoodzaakt vlas
te hekelen, nacht en dag te spinner., water aan te dra-
gen , en vuur te ontsteken. Vrouw hilde bleef intusschen
niet ledig: een heir werd verzameld, eene vloot uitgerust,
om de gevangenen te verlossen. Het was op een middag
in de vasten, toen goedroen en Hildburg aan het
strand waren om te wasschen, en door een goeden engel,
die de gedaante eener wilde zwaan had aangenomen, van
hare naderende verlossing werden verzekerd. De nacht
daaraanvolgende viel er veel sneeuw, maar de boze geb-
linde veroorloofde den beiden Jonkvrouwen niet eens het