Boekgegevens
Titel: Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Auteur: Frijlink, H.
Uitgave: Amsterdam: Hendrik Frijlink, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 680 D 2
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203765
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Vorige scan Volgende scanScanned page
de nedeulanden. 71
nadeeligen invloed uitoefent. In de hoogere streken is de luclit droo-
ger en meei' zuiver.
De hoofdrivieren zijn: de Rijn, de Maas, de Schelde en de
IJssel, met talrijke takken en armen, die het land doorsnijden. De
Rijn, die in Zwitserland ontspringt, door Frankrijk en Duitschland
stroomt, treedt bij Schenkenschans op Gelderschen bodem, en ver-
deelt zich spoedig bij Pannerden in twee armen. De linkerarm, de
Waal genoemd, stroomt langs Nijmegen, Tiel, Bommel, en valt bij
Loevestein in de Maas. De regterarm behoudt den naam van Rijn;
na bij lluisen den Nieuwen IJssel noordoostwaarts naar Doesburg
gezonden te hebben, vloeit hij langs Arnhem, Wageningen, lie-
nen, tot Wijk bij Duurstede, waar hij zich splitst in Ltk en Krommen
Rijn. De Lek stroomt voorbij Kuilenburg, neemt bij Vianen den
Vaartschen Rijn. op, loopt daarna langs Schoonhoven, Nieuwpoort,
en valt beneden Krimpen in de Maas; de Kromme Rijn loopt tot
Utrecht, van waar de Vecht door AVeesp en Muiden naar de Zui-
derzee stroomt, en de Oude Rijn door Woerden en Leiden naar Kat-
wijk, om zich door aanzienlijke sluizen in de Noordzee te ontlas-
ten. — De Maas, die in Frankrijk ontspringt en door België loopt,
vloeit langs Maastricht, Koermond, Venlo, Kuik, Grave, Kavestein.
Megen, en, na bij Woudrichem de Waal te hebben opgenomen, als
Merwe langs Gorinchem naar Dordrecht; daarna verdeelt hij zich
in de Noord en de Dordsche Kil. De eerste stroomt, na de Lek te
hebben ontvangen, als Nieuwe Maas langs liotterdam en Delfsha-
ven, en, na bij Vlaardingen zich weder met een d'-cl van den laat-
sten arm, Oade Maas genoemd, vereenigd te hebben, als J/oa? langs
Maassluis naar de Noordzee. — De Schelde, die ook uit Frankrijk
en België komt, verdeelt zich beneden Zandvliet in de Ilont oïJVes-
ter-Schelde, die, de Vlaamsche kust van de eilanden scheidende,
langs Vlissingen, en de Ooster-Sehelde, die, de Bevelanden scheidende
van Tholen en Schouwen, langs Middelburg zich in de Noordzee
stort. — De Lhsel ontstaat bij Doesburg uit de vereeniging van den
Ouden IJssel, die uit het Munstersche komt, met den Nieuwen IJs-
sel , en stroomt langs Zutfen, Deventer, Ilattem en Kampen naar
de Zuiderzee.
Merkwaardig zijn ook eenige aanzienlijke kanalen, zoo als: het
Noord-Ilollandsch Kanaal (van 1819—25 gegraven en bijna 16 uren
gaans lang), voor de grootste zeeschepen bevaarbaar, en loopende
van het Y bij Amsterdam, langs Purmerend en Alkmaar, tot aau het
Nieuwe Diep; de Zuid-Willems-vaart (in 1823 en verv. gegraven en
22 uren lang), van 's Ilertogenbosch naar Maastricht; en liet Ka-
naal van Voorne, ter bevordering van den Rotterdamschen handel
aangelegd. Tot heden (185G) heeft men den Jfollamlschen spoorweg,
van Amsterdam over Haarlem, Leiden, 's Gravenhage, ])elft en
Schiedam naar Rotterdam, die, door eene stoombootdienst tot aau
liet zuiden van het Ilollandsch Diep, zich weder aansluit bij den
spoorweg over Rozendaal (met een zijtak naar Breda) naar de Bel-
gische grenzen; den Rijnspoorweg, vau Amsterdam, over Utrecht en
Arnhem tot aan de Duitsche grenzen, waar hij zich bij de Pruissische
spoorwegen aansluit; en eindelijk een zijtak van den Rijnspoorweg,
van Utrecht over Montfoort, Woerden en Gouda, naar Rotterdam.
De voortbrengselen van dit welbebouwde land zijn hoofd-
zakelijk: voortreffelijk rundvee in groote hoeveelheid; paarden.