Boekgegevens
Titel: Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Auteur: Frijlink, H.
Uitgave: Amsterdam: Hendrik Frijlink, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 680 D 2
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203765
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Vorige scan Volgende scanScanned page
()2
EUROPA.
is van hooge, steile bergen omringd. Zij drijft aanzienlijken koophandel, heeft
eene haven en 25,000 inw. Do ingang der haven wordt verdedigd door de vesting
Bergenhuus en het fort Frederiksherg.
IV. Het stift D r O n t h e i m.
Dit grenst ten zuiden aan Christiania, en wordt in 3 Amte verdeekl.
Middelen van bestaan zijn veeteelt, visscherij en bergbouw.
Dronilieim (Trondjem) , vrij wel gebouwde stad met 14,000 inw., aan de rivier
Nid en een grooten zeeboezem, iieeft eene haven, en drijft levendigen handel.
Jiöraasy met 3200 inw., is eene bergstad in de ruwste en hoogste streek van Noor-
wegen. Christiansund heeft 2400 inw. en, even als Venetië, weinig straten, maar
meestal kanalen, op welke men van het eene huis naar het andere vaart.
V. Het stift Tromsöe. ■
Dit stift (sedert 1844 gevormd, terwijl de 2 Amte Nordland en
Finmarlcen, welke tot dien tijd met Drontheim één stift uitmaakten,
tot een bijzonder stift vereenigd zijn) bevat het noordelijkste gedeelte
van Noorwegen tot aan de stift Drontheim. Uier houdt alle akker-
bouw bijna geheel op, en zelfs de boomen in de bosschen zijn ein-
delijk ten laatste weinig meer dan dwerg-berken. Veeteelt (inzonder-
heid rendierteelt), visscherij, jagt en vogelvangst voeden de inAvoners.
1. Het ambt N o r d 1 a n d bevat :
a. De voogdij Heigeland, met veel veeteelt. Het hiertoe beboorende eiland
A Ist en is merkwaardig door een 4000 voet hoog gebergte, de zeven zustet's qq-
naamd. Alstahong is de bisschopszetel van Nordiand.
h, de voogdij Saiten, waar nog gerst geteeld wordt. I/mdhobn is eene haven
aan den Saltentfiord , met veel handel, en Bodöe, met 280 inw., de zetel van
den ambtman
c De voogdij L 5 f- o d d e n (d. i hooge spitsen) bevat de geheele rij van hooge
en met sneeuw bedekte eilanden , die zich in een halven kring van het zuiden
naar het noorden rondom de Westfiorden uitbreiden, en waar de grootste vis-
scherij van geheel Noorwegen is. Zij worden door 13,000 zielen bewoond. De
voornaamste zijn Moskoe, waar men den beroemden i1/aa/s/room heeft, eene
draaikolk, die minder gevaarlijk is, dan zij gewoonlijk wordt afgeschilderd {*).
Oost- en Westvaage, 2 eilanden, zijn het middenpunt en de hoofdplaats van
alle visscherij van het Noorden , waar men jaarlijks met 4000 vaartuigen voor
€00,000 riksd. aan visch vangt. Hindoe is het grootste en Rost het zuidelijk-
ste eiland der Löf-odden.
2. Het ambt Finmark en bevat het Noorweegsche Lapland, welks grenzen
naar Rusland toe door de rivier Pasvig-elv gevormd worden . en ligt grootendeels
binnen den noordpoolcirkcl. Het bestaat gedeeltelijk uit vast land, deels uit
eilanden, wordt door Finnen en Lappen bewoond, en is tot alle bebouwing on-
geschikt. De bewoners voeden zich van jagt en vischvangst. Senj en, dat hier-
toe behoort, is het grootste van alle Noorweegsche eilanden. Óp Tromsöe
(69® 38' n. b.), waar reeds de zon 2 maanden Tang niet onder en even zoo lang
niet opgaat, ligt het stadje van gelijken naam, de hoofdplaats van het stift, met
900 inw. Voorts heeft men nog Altengaard, ICaaßord, met bergwerken cn 1200
inw., Hammerfest op het eiland Qua lö e, met 40i) inw. en eene haven , cn M a-
geröe, het noordelijkste eiland van Noorwegen, met het kerspel Kielvig en de
Noordkaap, het noordelijkste punt van Europa. Op het eiland Vardöe heeft
men Vardöehius, de noordelijkste vesting van Europa, waar circa 25 familien
wonen. Het plaatsje Vadsöe, met veel visscherij, ligt op een eiland van gelij-
ken naam.
Buiten Europa bezitten de Zweden alleen het kleine West-Indi-
sche eiland Barthélémy.
(*) Volgens Deel XII der werken van de Akademie van Wetenschappen te Stockholm , wordt in
het middi'n van den Maalstroom de beste vischvangst gedreven, en do bewoners der naburige ei-
lauden varen er met klehie schuitjes door.