Boekgegevens
Titel: Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Auteur: Frijlink, H.
Uitgave: Amsterdam: Hendrik Frijlink, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 680 D 2
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203765
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Vorige scan Volgende scanScanned page
SPANJE. 23
In den jongsten tijd hield nu zeker het vervolgen om der godsdienst wille op,
en schaamde men zich de auto-da-fe's ('j; maar de natie, nog trotsch en dapper ge-
noeg om zich tegen Napoleon''s juk (in 1808—1812, toen Joseph Bonaparte ko-
ning was) met hardnekkigheid te verzetten, is toch zoo in verval, en haar staat-
kundig evenwigt onder de mogendheden van Europa zoo zeer verminderd, dat zij
thans meer een voorwerp van beklag dan van achting is. Haar ongeluk werd nog
door twisten over den troon en over den invloed aan het hof vermeerderd. Fer-
dinand Vir namelijk (die in 1814 den troon beklom en geheel willekeurig re-
geerde, daar hij dc Cortes of afgevaardigden des volks niet erkende) had in 1833,
in strijd met de Saiische wet, bij de Bourbons in zwang (waarbij geene vrouw
den troon mag beklimmen) zijn dochtertje Isabella tot zijne opvolgster verklaard,
en daarmede deze staatswet geschonden. Jliermede niet tevreden, stond onmiddelijk
na des konings dood, in 1834, zijn broeder Don Carlos als pretendent op, en
wist, ofschoon een man van gering talent, het reeds ontevreden volk der noord-
oostelijke provinciën voor zich te winnen. Zoo ontwikkelde zich een bloedige
burgeroorlog, die verscheidene jaren duurde; en toen eindelijk de pretendent de
vlugt moest nemen, begon een nieuwe over het bezit van het regentschap. Sedert
1845 is nu Isadella Maria Loüisa , dochter van Ferlunand en Makia Chkis-
tina, onder den titel van Isabella II, koningin, en in 1846 gehuwd met haren
neef den infant Don Francisco d'Assisi. De regering is beperkt monarchaal, met
een wetgevend ligchaam, de Cortes. Aan het koningschap is de titel van Katho'
liek^ Majesteit verbonden. De troon is erfelijk, sedert 1830 ook in de vrouwelijke
Unie. Frins van Asturië is do titel van den kroonprins.
Rivieren zijn, behalve de reeds bij Portugal genoemde, — iXeTaag,
Spaansch Tajo (spr. ïago), de Daero (spr. i)oero) en de Milio (spr,
Mienjo), en de Guadiana — nog: de Ebro, die aan de grenzen van
Asturië en Oud-Castilië ontspringt en in de Middellandsche zee vloeit;
de Guadalquivir, die van de Siërra de Gazorla afkomt, en zich beneden
Sevilla in de Atlantische zee ontlast. Opmerking verdient voorts de
Tmfó om zijne gele kleur, -welke zich mededeelt aan de daarin gewoi*-
pen voorwerpen, die tevens tot versteening overgaan. Eindelijk heeft
men nog de Segura^ de /«car, de Guadalaviar en de Llobregat^ die
zich alle in de Middellandsche zee ontlasten.
Bergen: de Pgreneëa^ een hoofdgebergte, dat Spanje van Frank-
rijk scheidt en dus slechts gedeeltelijk tot Spanje behoort, loopt van
Kaap St. Sebastian naar de zee van Biscaye; de Maladetta of Pic
d^ Anethou op dit gebergte is 10,720 voet hoog. (Dc Montperdu in
Frankrijk, vroeger voor den hoogsten top gehouden, is 2-10 voet
lager.) Dit ruwe granietgebergte is tot op zekere lioogte met wouden
bedekt; daarboven echter verheffen zich vele naakte toppen met
bei'gen en velden van ijs en sneeuw, die nimmer smelt, doch dikwijls
ontzettende sneeuwklompen (lavinen) loslaat. De Pyreneen zenden het
Cantabrisch gebergte westwaarts naar kaap Finisterre^ den westelijk-
sten uithoek van het vaste land. Nog heeft men de Somosierra en
de Siërra Guadarama^ die Opper- en Neder-Castilie vaneenschei-
dea, welke bergketen vervolgens als Sierras de Gredos en de Francia
en Siërra de Gada westwaarts voortloopt, tot in Portugal, waar zij
als Serra d'Estrelha (f) bekend is. In het zuiden heeft men de Siërra
Nevada (het Sneeuwgebergte), hooger dan de Pyreneën (de CMmère rfe
Mulhace is hoog 11,100 voet). Het gebied der Guadiana wordt be-
grensd , ten n. door het Toledo-, ten z. door het J/orfina-gebergte.
De grond is vruchtbaar, doch op vele plaatsen onbebouwd, en
over het geheel bergachtig, met uitgestrekte hooglanden, waar het
(*) D. i. daden of werken des geloofs. Dus noemde men iti Spanje en Portugal de proces-
siën met de door de regtbank van inquisilie (d. i. leUerlijk verhoor of ondervraging) veroor-
deelde ketters, die ten slotte levend verbrand werden. De koning en xijn hof moesten deze
--plegtigheden" doorgaans met hunne tegenwoordigheid vereeren."
(t) Gebergte is in het Portugeesch serra en in het Spaansch tierra»
ém