Boekgegevens
Titel: Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Auteur: Frijlink, H.
Uitgave: Amsterdam: Hendrik Frijlink, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 680 D 2
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203765
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Vorige scan Volgende scanScanned page
oosT-iNDië. ' 271
ingang, llij sluit en vernieuwt vei'bondon, maakt oorlog en vrcilo
in naam des konings, en kan ook met do bestuurders van andere
Europesche bezittingen in Indië overeenkomsten aangaan. Hij geeft
verlof tot tijdelijk verblijf of tot vestiging van iemand in Neder-
landsch Indië, en heeft de magt om personen, die hij voor de open-
bare nist gevaarlijk acht, in verzekerde bewaring te doen nemen,
of uit Nederlandsch Indië te doen verwijderen. Als opperbevelhebber
over de land- en zeemagt, doet hij do militaire benoemingen, op
den voet door den koning voorgeschreven.
De justitie wordt uitgeoefend door: a. Ilet hoog-geregtshof,
waarvan do president, na drie jaren dienst, uit Europa doOr een .
ander vervangen wordt. b. Geregtshoven of hoven van justitie. Het
eiland Java is onder drie hoven verdeeld, zitting hebbende te Ba-
tavia, te Samarang en te Soerabaia. c. De landraad, die geen regt
spreekt in lijfstraffelijke zaken. d. De inlandsche regent of zijn
plaatsvervanger, die als regtbank van enkele politie geldt. e. Het
vredegeregt.
Voor het binnenlandsch. bestuur zijn de gewesten en eilanden
verdeeld in gouvernementen, residontiën en assistent-residentiën.
Een gouverneur (deze bestaan slechts buiten Java) voert het gezag
over eenige residentiën; een resident heeft onder zich een of meer
onder-residentiën. Nog heeft men gezagvoerders, die als agenten
aan het hof van een of ander kleinen vorst geplaatst zijn.
De lands-inkomsten zijn: in- en uitgaande regten; verpligte leve-
ring van producten tot bepaalde prijzen; grondbelasting, of J der
opbrengst van den rijstbouw, koffljteelt, of andere opbrengsten van
plantaadjen; landrente of huur van tijdelijk uitgegeven domeinen; de
verpachting der openbare markten: de pacht der dobbelspelen on
openbare vermakelijkheden; de uitsluitende Opiumhandel; de zout-
pannen en verkoop van zout. Voor dit alles heeft men eenen direc-
teur-generaal en directeurs van financiën, administrateurs, inspec-
teurs, ontvangers en mindere ambtenaren. De rekenkamer onderzoekt
de getrouwe verantwoording van ontvangsten en uitgaven. Het be-
langrijke dezer kolonie voor het moederland blijkt'uit de jaarlijksche
opbrengst, die in 1856 ruim 30 millioen guldens bedragen heeft.
De Soenda-eilanden.
Socnda {sond, sound) is een der woorden voor zeeëngte. De naam van Soenda-
eilanden wordt gegeven aan de eilanden van Nederlantfseh Oost-Indië, met uitzon-
dering van hetgeen ten oosten van Celebes en Timor ligt. Over de juistheid der
benaming willen wij niet twisten; maar dat deze eilanden niet alle naar de zeeëngte
tusschen Sumatra en Java kunnen heeten, loopt terstond in het oog. Men kan den
naiim Soenda-eilanden verklaren door eilanden, die door zeeëngten ran elkander ge-
scheiden zijn. Men verdeelt de dus genoemde ia üroote en Kleine Soenda-eilanden.
A de G-roote Soenda-eilanden.
a. .lava, ligt ten z. o. van Sumatra, waarvan hot door kastraat Socn-
da gescheiden is. Het beslaat, met Madoera en andere er toe behoorenda
eilanden, 2444 v.m., en in 18.'54 telde het 10,581,890 bew., waaronder
18,000 Europeanen, 128,000 Chinezen, 28,000 Arabieren, 10,400,000
vrije inlanders en 9500 slaven. Twee evenwijdige rijen hooge ber-
gen van trachiet verheffen zich uit de kloven van ecn tertiair-
gebergte, cn doorloopen het geheele eiland van het westen naar het
oosten daaronder heeft men 45 werkzame vulkanen vau aanzienlijke