Boekgegevens
Titel: Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Auteur: Frijlink, H.
Uitgave: Amsterdam: Hendrik Frijlink, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 680 D 2
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203765
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Vorige scan Volgende scanScanned page
oosT-iNDië. ' 269
Tïolg), rommin^ïarïs-generafil (1826—1830), Jon. vax den Bosch (1830—1833),
Jean Chretien Baud, gouverneur-generaal ad inierim (1833—1830), I). J. de
Eeijens (1836—1840), K. S. W. Graaf van Hooendorp ad interim (1840 —1841),
P. Mekkl'S (benoemd 1841, aanvaard 1843—1844}, J. C. Reynst ud m/enm (1840),
Jan .Jacob IIochüssex (1845—1851), G. J Buüce, benoemd, doch ter reede van
Texel overleden; A. J. Düymaer van Twist (1851—1855). Thans Cn. F. Pahdd.
Nederlandsch Indië wordt ten noorden bepaald door de Chine-
.sche zee, de Solosche zee en den Grooten Oceaan; ten oosten door
dozen Oceaan en het eiland Nieuw-Guinea, waarvan alleen het wes-
telgk gedeelte aan Nederland behoort; ten zuiden en ten westen
door den Indischen Oceaan. AVanneer men, gemakshalve, geheel
Sumatra tot Nederlandsch Indië rekent, strekt dit laatste zich uit
van 95" tot 111*^ oosterlengte van Greenwich, en van 30'noorder-
tot 9' zuiderbreedte. (De Kokos- of Keeliay-eilanden, die mede onder
Nederlandsch gezag staan , liggen op ongeveer 12'zuiderbreedte,
en derhalve buiten deze oppervlakte.)
Do meeste eilanden hebben vulkanen, waarvan sommigen sedert
korter of langer tijd zijn uitgedoofd, terwijl anderen thans nog wer-
ken ; onder deze zijn er, die soms vreeselijk woeden Het rommelen en
donderen der uitbarsting doet zich op grooten afstand hooren; de
aardbeving wordt zeer ver gevoeld; de aschregen verspreidt zich tot
op zeer afgelegene plaatsen, terwijl de vloeijende lava alles in de na-
bijheid verwoest, en voor een aantal jaren de groeikracht verlamt.
De hitte is lang zoo groot niet, als men zoo nabij de evennachts-
lijn zou onderstellen. De lucht wordt aanmerkelijk bekoeld door
do vele bergen, cn al opklimmende bereikt men eene hoe langer
hoe meer gematigde luchtstreek. Boven in hot gebergte is het des
nachts luchtig cn zelfs koel; ja, men heeft op de kruin van som-
mige, zelfs genoegzaam onder de linie, wel eens ijs gevonden.
De bevolking van Nederlandsch Indië bedroeg, volgens officiële
opgave, ultimo December 1854::
getul zielen.
Java en Madoera............ 10,581,890.
Gouvernementen:
Sumatra's Westkust.
Padang................................210,568.
Padangsche bovenlanden....................525,446.
Tanepoli..............................288^027.
Benkoelen..............................113,416.
I^ampongs..............................82,907.
Palembang (met de grensdistricten)............380,074.
Banka................................45,089.
Blitong (zonder Linga)....................11,810.
liiou..................................23,334.
_ _ 12,262,621.
(*) Dit meende men, tot dat ze in Sept. 1857 door dc Engelscïicn werden in
hezit genomen. De minister van koloniën, hieromtrent bij doii aanvang der zit-
ting van dc Stntcn-.Gencraal 1857—58 geïnterpelleerd, verklaarde dat die eilandjes
nooit wcitig aau dc Nederlanden hcbboi behoord, en cr maar ccn lastpost voor
i?ouden zijn.