Boekgegevens
Titel: Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Auteur: Frijlink, H.
Uitgave: Amsterdam: Hendrik Frijlink, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 680 D 2
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203765
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Vorige scan Volgende scanScanned page
228 AZIC.
statl, liccft BOOO inw. Beiroet, is eene zeestad niet 12,000 inw. en als het ware de
haven van Damaskus. Sur (liet oude Tyrus) is thans een havenstadje met 2500
inw. Baalbek {Ileliopolis), eeu stadje met 600 inw., in eene bekoorlijke streek
tusschen den Libanon en den Anti-Libanon, heeft in de nabijheid belangrijke bouw-
vallen van ccn zonnetempel. Nazra {Nazareth), in een diep dal, heeft 3000 inw.,
een groot klooster en een der schoonste kerken in het Oosten. In de nabijheid
heeft men den berg Tabor. Saffad heeft 3000 en Tabarieh [Tiberias] 2000 inw.,
beide voor de helft Joden.
18. Damas. — Bamaa [Damaskus), bekoorlijk tusschen boomgaarden gelegen
stad, met 150,000 inw., heeft 200 moskeen, veel handel, bloeijende fabrieken van
klingen, ingelegd werk. zijde, konlituren, enz. Als ambulante steden kan men
hier aanmerken de Mekka-karavaneu, die soms 40,000 personen bedragen. Ba-
zjenah, aan dc helling van een berg, heeft 5000, JJamah, aanzienlijke handelstad»
45,000, en I/eins, met veel industrie, 15,000 inw. In de groote woestijn, ten z. o.
van Hems, nabij het dorp Tadmor, liggen prachtige bouwvallen van de stad Fal~
myra, weleer de residentie van de koningin Zünobia.
19. Jerusalem. — Dit kortelings opgerigte pasjalick bevat het 540 v. m. grooto
Palestina, en heeft, buiten de vreemdelingen, 800,000 bew. Wij zullen het af-
zonderlijk behandelen, onder den naam van
Palestina.
Niet de grootte en omvang alleen is een maatstaf voor de belangrijkheid van
een land; ook niet de krijgsroem der inwoners: in beide opzigten toch is Pa-
lestina eene onbeduidende plek op aarde. Er moeten derhalve andere redenen
zijn, die dit kleine land met zoo schitterenden glans omringen. Wanneer ook Grie-
kenland, als dc wieg van kunst en wetenschap, eenen welverdienden roem ge-
niet,— wanneer ook Kome, als het uitjzangspunt van regt voor huis en staat, en
van burgerlijke deugden, zich algemeene achting heeft verworven — worden bei-
den toch verdonkerd door de godsdienstige en staatkundige beteekenis van Pales-
tina. Nog lagen Griekenland en Kome meer dan duizend jaren in geschiedkun-
dige donkerheid, toen hier reeds lang historische gedenkschriften het licht zagen;
nog smachtten alle andere landen in diepe godsdienstige duisternis, en dienden
doude afgoden, toen hier reeds het denkbeeld van een eenigen God diepe worte-
len had geschoten; nog heerschten elders teugcllooze zelfzucht en despotieke wil-
lekeur , toen hier reeds lang eene vaste, geschrevene wet in hooge eere stond; en —
lang reeds zijn die andere volken uitgestorven, maar het merkwaardige volk der
Joden leeft nog voort, over den geheelen aardbodem verspreid, ofschoon het dan
ook sedert bijna twintig eeuwen zijn vaderland en zijne beteekenis als volk van
eenen staat verloren heeft. Voegt men nu nog daarbij, dat hier de Heiland der
wereld is geboren,— dat hij hier omgewandeld, geleerd, gezegend, geleden heeft
en verheerlijkt is, — dat vanhier de verhevene Christelijke leer haren glorierijken
loop over den aardbol heeft aangevangen— dan zal men het wel voor onbetwist-
baar houden, dat er geen tweede land op aarde is, hetwelk dit plekje gronds in
belangrijkheid kan evenaren. Dit is de reden, waarom niet alleen vrome pelgrims
bedevaarten naar deze plaats hebben gedaan, waar de Heiland der wereld zijn ver-
heven werk heeft begonnen en voltooid, maar dat ook zoo vele mannen van we-
tenschappelijk onderzoek zich met toenemende belangstelling cr heen begeven,
om het tooneel van zoo grootsche en invloedrijke gebeurtenissen niet alleen te
leeren kennen, maar ook de oorzaken te peilen, welke dat land in staat stelden
om eene zoo uitnemende, ja eenige plaats op den aardbodem in te nemen.
De naam bleef in den loop der tijden niet de zelfde. De oudste naam is land
Kanaans {Gen. XI, 31) hetwelk land der laagten (letterlijk, der inhuigingen^ betee-
kent, in tegenoverstelling van het Syrische ^raï», hoogland. Land Israels
het, als woonplaats der zonen van Isracl of Jakob (Jes. XIX,24). Bij de ver-
deeling des lands in de twee koningrijken en Israel, ging de gemeenschappe-
lijke naam verloren; maar na de Babylonische ballingschap werd de naam Judea
algemeen voor het geheele land gebruikt. Palestina, de thans gebruikelijke naam,
beteekent land der vreemdelingen, namelijk der Philistijnen, ofschoon deze slechts
een klein gedeelte van het land bezaten. De Turken noemen het Falestien. In den
Bijbel heet het ook nog Land der Hèbreërs (Gen. XL, 15), Land van Jehova (hQv.
XXV, 23; Ps. LXXXV, 2), Heiliq Land (Zach. II, qxï Beloojd Land oï Land
der Belofle (Gen. XV, 18; Hebr. ll, 9).
Palestina wordt begrensd ten westen door de Middellandsche zee, ten noorden
door Syrië, ten oosten door de Syrische woestijn, ten zuiden door het schiereiland
van den Sinaï. Van deze natuurlijke grenzen weken echter op verschillende tijden
de staatkundige aanmerkelijk af. De grootste lengte, van het noorden naar het zui-
den (van Daii tot Berseba), bedraagt 32, de grootste breedte 23 mijlen. Van de