Boekgegevens
Titel: Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Auteur: Frijlink, H.
Uitgave: Amsterdam: Hendrik Frijlink, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 680 D 2
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203765
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Vorige scan Volgende scanScanned page
218 Azië.
Do rivieren de Ob, de Jenüei, de Lena, de Indigierka en de
Kolima loopen uit in de Noordelijke IJszee; de Anadir in de zee van
Kamtsjatka; de Amoer of Zwarte rivier in de straat van Perouse; de
Jloang-ho of Oele rivier en de Jan-tsi-kjang of Blaauwe rivier in de
Gele zee; de Me-nam in den golf van Siam en de Mé-kaong of Kam-
bodzja, en de Si-kjang, die beneden Kanton de Parelrivier vormt,
in de Cliinesche zee; de San-laun (een eind weegs Loe- oi Noe-kjang
geheeten), de Irawaddi (in zijn bovengedeelte Bzjang-bo-tsjoe genaamd),
de Bramapoeter en de Ganges in de golf van Bengalen; de Indus in de
Arabische zee; de Euphraat en de Tigris (na bij hunne vereeniging,
ten n. van Bassora, den naam van Sjat-al-Arah te hebben ontvan-
gen) in de Perzische golf; de ^moe (voorheen Oxua) en de Sir (weleer
Taxartes) in het meer Aral, en de Volga en de Oeral in de Kaspi-
sche zee. Tot do groote meren behooren de/tas^jï^c/i« zee (het grootste
meer op den aardbol), het meer Baikal, het meer Aral, enz.
Azië wordt, in zijne breedte, van twee groote bergketens door-
sneden, van welke onderscheidene takken zich noord- en zuidwaarts
uitstrekken. De noordelijke bergketen, die Siberië als het ware
van het overige Azië afscheidt, begint ten noorden van het Aral-
meer, en eindigt aan de zee van Ochotsk. De gebergten, die door
deze keten gevormd worden, zijn: het Al3inslci-gebergte,Ya.nAe\ivon-
nen der Tobol tot aan den Moestag; het Zoengarisch gebergte, van
het laatste gebergte tot aan de bronnen van den lertisch; de Altai,
waar de bronnen van de lertisch en de Jenisei ontspringen, en dat het
hoogste van deze gebergten is; het Sajanisch gebergte, van den oorsprong
der laatstgemelde rivier tot aan het Baikal-meer; het DaoeWsc/i of iVer-
tsjienskisch gebergte, van het Baikal-meer tot aan de bronnen van de
Olekma, een regter zijtak van deLena; h&t Jablonnoi-gebergte,YSiü. zoo
even gemelde bronnen tot aan de zee van Ochotsk; het Stannovoi-gebergte
neemt op eenige mijlen afstands van het laatste eenen aanvang, en
loopt noordoostwaarts naar de Beringstraat, terwijl een tak hier-
van, het Kamtsjatka-gebergte, het schiereiland van dezen naam in
de lengte doorsnijdt. Een zuidelijke tak der noordelijke bergke-
ten is de Moes-tag of het Sneeuwgebergte, ook Thjan-sjan of Hemelge-
bergte genaamd. De zuidelijke groote bergketen begint in Anatolië
of Klein-Azië, aan de Middellandsche zee, en eindigt aan de zee
van Korea. Deze keten vormt de volgende gebergten: de Taurus,
die langs de zuidelijke kust van Anatolië loopt, en zich voorts als
Anti-Taurus noordoostwaarts uitstrekt; het Armenisck gebergte, dat
ten oosten van den Anti-Taurus naar Perzië loopt; het Erwend-
gebergte, dat Noord-Perzië van het westen naar het oosten door-
snijdt; het Hazariseh-gebergte, in het noorden van Afganistan; de
Htndoe-koe, die de grens tusschen Afganistan en Onafhankelijk Ta-
tarije uitmaakt; de Himalaja of het Himaleh-gebergte, dat zich in
het noorden van Voor-Indië en Assam en in het zuiden van Tibet
uitstrekt; de Sine-sjan of het Sneeuwgebergte, eene voortzetting van
de Himalaja, dat, zich van dit laatste gebergte scheidende, het zui-
delijk gedeelte van eigenlijk China in de breedte doorsnijdt. De
Himalaja is het hoogste gebergte der aarde, en heeft verscheidene
kruinen of bergtoppen, van welke de Bholadzjier of Witte berg, op
de grenzen van Nepaoel en Tibet, boven al de overigen uitsteekt,
en eeno hoogte heeft van 27,000 voet of 8200 Ned. el boven de op-
pervlakte'der zee. Als noordelijke takken van de zuidelijke berg-