Boekgegevens
Titel: Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Auteur: Frijlink, H.
Uitgave: Amsterdam: Hendrik Frijlink, 1858
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 680 D 2
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203765
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw handboek der aardrijkskunde, met geschiedkundige aanteekeningen
Vorige scan Volgende scanScanned page
MOLUAVië. 207
Jassy, dc do hoofdstad en residentie van den hospodar, aan de rivier Bachloei
cn de zachte affielling van eenen berg, is eene opene en slecht gebouwde plaats,
met 50,000 inw. (Verbrand 1822.) Niamts heeft 1000, Totroesj 1100, Roman 1500,
Ohua steenzontmijnen en 1200 inw. Iloesj, aan den Proet, met 1800 inw., is
merkwaardig door den in 1711 gesloten vrede tusschen saar Peter den Groote en
de Osmanen. Wasloei ha^ii 1300, Berlad 1600, Tekoetsf wijnbouw en 1900, Bot-
tosjani veel handel en 25,000 en Dorohoje 2000 inw. Galacz (spr. Galats), koop-
stad aan de vereeniging van de Proet met den Donau, op welken van hier naar
Weenen eene stoomboot vaart, is thans eene vrijhaven, en heeft 35,000 inw. Aan
Moldavië behooren thans ook de vroeger Russische Fteden: Kilia met 6000, Js-
Dtaü met Toetsjkov tc zamen 22,000 inw. (Ismaïl ingenomen 1828.) Het vlek
Bolgrad, aan de Jnlpoeeh , is groot en fraai gebouwd, aan de grenzen tusschen
Moldavië en Rusland (Bessarabië). Het heeft ruim 1000, meestal steenen huizen,
cn telt 8500 inw. _______
inom'TK-lVKORO.
Dit vorstendom, dat in Albanië ligt, beet aldus bij de Italianen-
Tsjerna-gora lieet bet bij zijne Slavische bewoners, Kara-dag bij de
Turken en Mal-iris bij de Albanezen. Al deze woorden beteekenen
Zwart gebergte. Het grenst ten westen aan Oostenrijk (Dalmatië),
en verder aan Turkije, Het is een kaal bergland van de Dinarische
Alpen, dat de dalen van de lioven-Moratsja met hare takken be-
vat, beslaat 70 v. m., en telt 125,000 bew., alle Slaven van den
Serbischen stam en de Grieksche godsdienst.
Het was in ouden tijd een gedeelte van Romeinsch Illyricum; van 1040—1389
ecn gedeelte van het koningrijk Serbië; van 1389—1716 een zelfstandige staat on-
der vorsten uit het huis Tsjeknojewiets.;; van 1516—1851 een geestelijk erfvor-
stendom onder den vladika (regent), die bisschoppelijke en wereldlijke magt in
zich vereenigde. Sedert 1712 begaf de staat zich onder bescherming van Rus-
land. Sedert 1851 is het een wereldlijk erfvorstendom in het huis Petrowietsj,
terwijl de geestelijke waardigheid door den vladika aan een ander werd opge-
dragen. Sedert 1389 handhaven de bewoners hunne onafhankelijkheid tegen de
Osmanen. Jongste oorlog 1852—1853. De tegenwoordige vorst, Daniclo I, die
zeer eenvoudig leeft, heeft vóór eenigen tijd eene staatsregeling uitgevaardigd,
waarhij evenwel de oude zeden en behoeften des lands, alsmede deszelfs staat-
kundige gesteldheid en de algemeene rcgtsbeginselen, niet uit het oog zijn ver-
loren. Men heeft er geen regelmatig georganiseerd leger, maar alle volwassen mans-
personen zijn van wapenen voorzien, zoodat binnen weinig tijds 18 a 20,000 ervan
onder de wapenen kunnen komen. Veeteelt is dc voornaamste bron vau bestaan.
Het dorp Cettina is de hoofdplaats. In het geheel heeft men hier 116 dorpen en
gehuchten, doch geene enkele stad.
ORIKHEMIiJiMO.
Dit bestaat uit vast land en een aantal eilanden in de Egesclie
zee. Het eerste grenst ten noorden aan Europisch Turkije, en wordt
aan de overige zijden door de zee bespoeld, namelijk aan den west-
kant door de Ionische, aan de zuidzijde door de Middellandsche en
aan de oostkust door de Egesche en Grieksche zee. De grootte be-
draagt ongeveer 800 vierk. mijlen, en het getal bewoners 1,162,000
zielen.
De zee maakt diepe inhammen in het land, waaronder de golf
van Patras of Lepanto aan de westzijde, en die van Egina aan de
oostzijde, welke golven door de landengte van Korinthe van elkan-
der gescheiden worden. Er zijn slechts kleine rivieren. De voor-
naamste is de Asper of Aspropotamus (voorheen de Achelous), die zich
in eenen zeeboezem ontlast, welke door de Ionische zee wordt ge-
vormd. Onder de meren is het aanzienlijkste dat van Topohas^
hetwelk 9 mijlen in omtrek heeft, benevens het Brachori.