Boekgegevens
Titel: Zinsontleding: een beknopt leerboekje voor de volksschool
Auteur: Dale, ... van
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1863
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 776 B 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203735
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Ontleding (taalkunde), Nederlands, Grammatica, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zinsontleding: een beknopt leerboekje voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
49
IW ZINSCHEIDING,
31, De leesteekens, die bepaaldelijk dienen, om zinnen of
zindeelen vaneen te scheiden, zijn; het punt, het
homma, het kommapiM en het dubbele punt.
33. Het punt wordt daar aangewend, waar een volledige
zin ten einde is,
33. Het komma staat:
1°. Tusschen .nevengeschikte zindeelen, wanneer ze niet
door of, en of noch verbonden zijn: Appels,
peren, perziken en abrikozen zijn
smakelijke vruchten. Zij is jong, schoon,
vriendelijk en beleefd. Die heilige,
plechtige, diepe stilte trof mij. Palei-
zen, hoven, kerk en toren, vest en leal
staan op dm vloed gebouwd uit onvermrikt kristal.
Matroos en scheepsvoog d, vriend en
vreemde, knaap en man omarmen zich
dooreen. Ih of gij zult gaan. Hij noch zijne
^zuster wilde het doen. Zie de opgaven bij § 17.
2". Tusschen nevengeschikte zindeelen, wanneer zij
door of-of, en-en, noch-noch, deels-deels, hetzij-
hetzij verbonden zijn. Of ik, of gij zult gaan.
Noch hij, noch zijn broeder, noch zijne zuster
wilde het doen. En de vader, en de moeder, en
de zoon, en de dochter zijn allen even slecht.
De visch was deels versch, deels gezouten. Allen
moeten sterven, hetzij vroeg, hetzij laat. Zie de
opgaven bij § 17,
3°, ïusscheu zeer naauw verbonden nevengeschikte