Boekgegevens
Titel: Zinsontleding: een beknopt leerboekje voor de volksschool
Auteur: Dale, ... van
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1863
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 776 B 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203735
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Ontleding (taalkunde), Nederlands, Grammatica, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zinsontleding: een beknopt leerboekje voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
36
De heilige eendracht is het zout.
Dat huis en stad in wezen houdt.
De Peniciërs waren de eersten, die zich op den zeehandel toe-
legden—De pen, waarmede gij sclirijft, is een ganzenpen — De
^en, waar zij mede schreef, was eene stalen pen — Te Veere toont
men het huis, waarin Maria van Reigersberch geboren is — Men
heeft te Keulen het huis gesloopt, waarin Vondel was geboren —
Het onderwerp, waarover wij spreken, is gewichtig —Praat nimmer
over zaken, van welke gij geene kennis hebt — Koffijboonen zijn
kernen van boomvruchten, die op kersen gelijken.
VOORBEELD.
De leerling, die zijn' plicht betracht, wordt bemind —
zamengestelde volzin, bestaande uit een' hoofdzin en een'
ondergeschikten bijvoegelijken zin.
De leerling wordt bemind — onb. bev. enk. eigenschapszin ,
bijvoeg, zin.
die zijn' plicht betracht — bep. bev. enk. eigenschapszin,
bijvoeg, zin.
> De leerling — ond.
xoordt bemind — gez.
die — ond.
betracht zijn' plicht — uitgebreid gez.
zijn' plicht — uitgebreid voorwerp.
zijn' — bep. van plicht.
'39. De bij woordelijke ondergeschikte volzinnen, die in de
plaats treden van een bijwoord, zijn zeer talrijk. Gij
zult de voornaamste soorten leeren kennen in de vol-
gende