Boekgegevens
Titel: Zinsontleding: een beknopt leerboekje voor de volksschool
Auteur: Dale, ... van
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1863
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 776 B 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203735
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Ontleding (taalkunde), Nederlands, Grammatica, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zinsontleding: een beknopt leerboekje voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
35
Ontleding van den gezegdeszin.
Ze — ond.
zijn wat — gez.
Ik weet, dat hij gelukkig is — zamengestelde zin, bestaande
uit een' hoofdzin, en een' ondergeschikten voorwerpszin.
Ik weet —onb. bev. enk. eigenschapszin, hoofdzin.
dat hij gelukkig is — onb. bev. enk. eigenschapsz., voorwerpsz.
Ik , — ond.
weet, dat hij gelukkig is — uitgebreid gezegde.
Ontleding van den voorwerp'szin.
Hij — ond.
is gelukkig — gez.
28. De ondergeschikte lijvoegelijTce zvkürvl , die in de plaats
komen van een lijvoegelijk naamwoord, worden door
middel van de hetrehkehjke voornaamwoorden, of van
zamengeJcoppelde lijwoorden, die hunne plaats vervan-
gen , met een zelfstandig naamwoord van den hoofd-
zin .verbonden,
OPGAVEN.
De leerling, die gehoorzaam is, wordt geprezen [= de gehoorzame
leerling wordt geprezen] — De leerling, die zijn plicht doet, wordt
geacht —Dit is het huis, waarin ik gewoond heb — Zie daar de
pen, waarmede hij schreef— Elke deugd, die niet uit liefde voort-
vloeit , vloeit niet uit eene reine bron — De vergenoegde bezit een'
rijkdom, dien geen dief hem kan ontstelen — De schijnheiligheid
is eeue slang, die met schoone kleuren pronkt.
3*