Boekgegevens
Titel: Zinsontleding: een beknopt leerboekje voor de volksschool
Auteur: Dale, ... van
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1863
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 776 B 19
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203735
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Ontleding (taalkunde), Nederlands, Grammatica, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zinsontleding: een beknopt leerboekje voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
24
VOORBEELDEN.
God is — onb. bev. enkelv. bestaanszin.
God — ond.
IS — gcz.
Wij ivaren op straat — bep. bev, enk. bestaanszin.
Wij — ond-
waren op straat — uitgebr. gez.
op straat — bep. van ivaren.
Het regent, d. i. regen is — onb. bev. enk. bestaanszin.
Regen — ond.
is — gez.
Het is zes ure, d. i. de zesde ure is — bep. bev. enk. bestaansz.
De zesde ure — uitgebr. ond.
is — gez.
zesde — bep. van ure*
Er wordt geloopen, d. i, het loopen is — onb. bev. enk. bestaansz.
Het loopen — ond,
is — gez.
Mij hongerdey d. i. hongerns in mij — bep. bev. enk. bestaansz.
Honger — ond. /
is in mij — uitgebr. gezegde.
in mij — bep. van is.
■ I
OPGAVEN. •
1. Ik ben — God is överal — Hij was te Amsterdam — Zij waren
op reis — Uw moeder was boven — De leerlingen waren binnen —
Hier is zijn erf— Hier was zijn rijk-—De Heer is van eeuwigheid
tot eeuwigheid — Op bergen en fn dalen, ja overal is God — Zij
varen in nood.