Boekgegevens
Titel: Beknopte Nederlandsche spraakkunst: een leerboekje voor de hoogste klassen der scholen voor gewoon en meer uitgebreid lager onderwijs
Auteur: Dale, ... van
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1864
2de, verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 3038
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203733
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopte Nederlandsche spraakkunst: een leerboekje voor de hoogste klassen der scholen voor gewoon en meer uitgebreid lager onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
16
denkbeeldige vrouwelijke wezens; als: Sophia, vrouw, ko-
ningin, zondares, naaister, barones, abdis, leeuwin, godin, godes,
engelin, dievegge, kijvegge, kamenier, staatdame, baker, enz.
2'. De letters van bet abc en de cijfers.
3°. De namen van scbepen: Hij voer in de Zoutman
naar de West.
4°. De vreemde namen van muziekinstrumenten; als:
guitaar, bazuin, viool, klarinet, harmonica, enz.
De woorden , welke op heid of teit eindigen , als :
waarheid, kindsheid, kindschheid, societeit, enz.
6°. De woorden, welke op nis eindigen,, als: gevangenis,
droefenis, beeltenis, verbintenis, muizenis (gepeins, mijme-
ring) , enz. — Vonnis is onzijdig.
7°. De woorden, welke op ing eindigen, mits ze van
werkwoorden afgeleid zijn, als: belooning, voldoening, ne-
ring , hantering, enz.
8°. De woorden, welke op be, de of te eindigen, als:
tobbe, ribbe- ^veelde, schcCnde, sucade, offerande; diepte, laagte, enz.
Vrede wordt mann. en vrouw, gebruikt.
9°. De woorden, welke op ij of ei, ie of uw eindigen,
als: rij, bakkerij, lei, sprei, knie, zwaluw, enz.
Mannelijk zijn: derrie en brij, kei en rei, en malvesij.
10'. De woorden op iek en age, als: republiek, muziek,
kroniek, fabriek, pakkage, lekkage, enz.
11°. De woorden, welke op eene toonlooze e eindigen
of vroeger daarop eindigden, als: vrees, baat, reis, rust,
smart, hoop, hulp, eer, baan, zorg, maat, taal, spraak, tarw,
heg, haag, braak, keus, teug, schaal, mand, schuur, enz.
12° De woorden op schap, ingeval ze eene gesteldheid, of eene
verzameling van personen of zaken te kennen geven, als: blijdschap,
vriendschap, beterschap; ridderschap, priesterschap, nalatenschap, we-
tmschap, koopmanschap, komenschap.