Boekgegevens
Titel: Parijs in Amerika
Auteur: Laboulaye, Édouard René Lefebvre; Falkland, Samuel
Uitgave: Rotterdam: Nijgh, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: PK 69-50
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203708
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Parijs in Amerika
Vorige scan Volgende scanScanned page
86
,/Asjeblief!" zei de man mét een spottend lachje: //Als
11 evenwel nog wat grappigers wilt lezen, dan moet u de-
Zon en de Tribune koopen. Daarin krijgt het trio eerst
regt zijn vet."
De Lynx was mij genoeg! Ik doorliep het pamflet. Met
Green werd niet onaardig den spot gedreven. Aan Hum-
bug werd zonder omwegen de waarheid gezegd. Maar ik!
Hoe vreeselijk zag ik mij door het slijk gesleurd! Welk
een opeenstapeling van logen en laster!
Toen ik mijne woning wilde binnentreden, hield Hum-
bug mij staande.
//Gij zegepraalt!" beet ik hem toe en duwde hem de
Lynx onder den neus: //De verkiezingen, dat zijn uwe
hooggetijden, dat zijn de saturnalia van den laster!"
//De laster,"' antwoordde hij: //is gelijk de mazelen; zoodra
de ziekte naar buiten slaat, houdt ze op gevaarlijk te zijn!"
//Slechts daar waar de democratie nestelt, worden zulke
infamiën gedrukt. Lees zelf!"
Ik trok hem naar binnen, en dwong hem de Ljynx
te lezen.
//Welnu," zei hij: //Green heeft geen reden om onte-
vreden te zijn. De hevigheid van den aanval bewijst dat
zijne zaken goed staan. Van hetzelfde standpunt beschouwd,
schijn ook ik veel kans te hebben. Dat nscliaamtelooze
Falstaff" dat de redactie mij naar het hoofd werpt, klinkt
heel aardig, en dan die regel waarbij men mij vergelijkt
met een: ,/beschonken Silenus, aan wien, wanneer de doc-
tor er hij is, het ook aan geen ezel ontbreekt" zie, dat
verraadt van de zijde der redactie eene kennis van de
mythologie, die haar tot eer verstrekt. Het zijn de laatste
noodkreten van eene verwonnen partij !"
//Maar waarom belet de justitie die ellendigen het druk-
ken van zulke afzigtelijkheden niet?"
//Hoe :;al de justitie zoo iets kunnen voorkomen? Ik
stem toe, dat de mannen van de L^ynx de vrijheid van
drukpers misbruiken, dat zij zich laten bezoldigen voor
de uitoefening van een verachtelijk handwerk. Maar om
het misbruik van enkelen, mag de vrijheid van allen niet