Boekgegevens
Titel: Parijs in Amerika
Auteur: Laboulaye, Édouard René Lefebvre; Falkland, Samuel
Uitgave: Rotterdam: Nijgh, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: PK 69-50
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203708
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Parijs in Amerika
Vorige scan Volgende scanScanned page
64
van het Lycaeum, is door de regtbank veroordeeld tot het
betalen van 10,000 dollars schadevergoeding,"-
//Best!" zei Humbug, die middelerwijl druk bezig was
geweest met het ontwerpen van een nieuw monster-affi-
che. Hij legde daaraan thans de laatste hand en het
bleek nu dat het, behalve eene groote nederlaag der
bondstroepen (eene gebeurtenis, die ieder ander gouver-
nement wel zou weten geheim te houden) en nog verschil-
lende andere punten van in mijn oog ondergeschikt belang,
ook met ellen lange letters het berigt behelsde van het:
crimineel vonnis ten laste van den burgemeester.
Daar was iets in die zaak wat mij vreeselijk hinderde.
Naauwelijks was Seth dan ook vertrokken, of ik wendde
mij tot Truth en Humbug en gaf hun mijne diepe ver-
ontwaardiging te kennen over hunne manier van hande-
len in het algemeen, en speciaal over de wijze waarop
zij het privé-leven der burgers openlijk ter sprake bragten.
//Al wat ik u zie verrigten —" zei ik, //boezemt mij
walging en afkeer in. Gij drijft kennelijk den spot met
al datgeen, wat ik van jongs af geleerd heb te vereeren
en te eerbiedigen. Dat men aanvallen rigt tegen minis-
ters of leden der kamer, het is mij onverschillig, of lie-
ver: ik ben er aan gewend; de ministers hebben in alle
tijden tot mikpunt gediend van de boosaardigheden der
pamfletschrijvers; de meest beroemde journalist is dan
ook hij, die een of twee der raadslieden van de kroon
uit den zadel heeft geligt. Zijn er landen en volken, wie
die zucht tot afbreken behaagt, mij is het wèl, alhoewel
ik hen als geneesmiddel een paar revolutietjes van gan-
scher harte toewensch. Maar het privé-leven, mijnheer,
is heilig en onschendbaar: La vie privée, doit être murée /"
uWio heeft in dien zin uitspraak gedaan?" — vroeg
Humbug spottend.
//Dat doet er niet toe!" beet ik hem toe.
//Daar hebt gij volkomen gelijk in," hernam hij be-
daard: //De naam van hem, die eene dwaasheid verkon-
digt, belet die dwaasheid niet eene dwaasheid te zijn. Men
kan niemand in maatschappelijken zin in twee helften