Boekgegevens
Titel: Parijs in Amerika
Auteur: Laboulaye, Édouard René Lefebvre; Falkland, Samuel
Uitgave: Rotterdam: Nijgh, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: PK 69-50
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203708
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Parijs in Amerika
Vorige scan Volgende scanScanned page
59
liet voordeel plukken? Het gouvernement? Maar dat zou
liet eerste slagtoffer van de manoeuvre zijn; men zou het
iederen dag bedriegen en om den tuin leiden. Zullen de
ingezetenen er bij winnen? Geenszins! Zoodra hun de
inmenging ontzegd is in het beheer van 's lands binnen-
en buitenlandsche aangelegenheden, zal hun liefde voor
vaderland en vrijheid verflaauwen. Neem de agitatie weg,
die het spreekgestoelte en de drukpers in het leven roept
en gaande houdt, en gij zult de geheele maatschappij her-
vormd hebben in een stilstaand water, dat van lieverlede
een brandpunt van bederf en besmetting zal worden. Denkt
ge het stoffelijk voordeel der natie te bevorderen, wan-
neer ge haar de waarheid tracht te verbergen? — dan
bedriegt ge u zeer, want rijkdom en voorspoed kunnen
slechts de vrucht van waarheidsliefde en vrijheid zijn!
Er bestaat geen veiligheid, geen goed finantiewezen, geen
koophandel en geen nijverheid, dan juist in die landen,
waar de zedelijke en materiëele vrijheid van drukpers
de dagbladen bij honderden in het leven riep. Het stil-
zwijgen is de zegepraal der dwaasheid, — de duisternis
is geenszins het voorland van den eerlijken man. Laat
dus de drukpers in het bezit van hate volle vrijheid. Her-
inner u, dat men reeds in het oude Rome klaagde over
het gebabbel der tribunen, dat Sylla hen, tot niet geringe
blijdschap van zoo velen, het stilzwijgen oplegde, en dat
juist van dat tijdstip af een achteruitgang en verval
dagteekenen, waarvan zelfs het Christendom de wereld
niet ten volle kon redden."
,/Dat is nu alles mooi en wel," antwoordde ik: «maar
de taal, die uwe dagbladen voeren, is verfoeijelijk. Ze
vleijen allen de democratie en leven van schandaal. Eer-
biedigen ze de godsdienst? Neen! Geen geestelijke kan
een fout, hoe gering dan ook, begaan, of twintig dag-
bladen zullen gelijktijdig hemel en aarde in beweging
brengen, in plaats van een oogenblik van zwakheid te
vergeven, dat door de domme menigte maar al te ligt
aan de kerk zelve geweten wordt."
//Schande voor de kerk, doctor! die de zaak van den