Boekgegevens
Titel: Parijs in Amerika
Auteur: Laboulaye, Édouard René Lefebvre; Falkland, Samuel
Uitgave: Rotterdam: Nijgh, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: PK 69-50
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203708
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Parijs in Amerika
Vorige scan Volgende scanScanned page
191
stand naar Amerika overgebragt, waaruit ik heden nacht,,
na eene vreeselijke luchtreis, teruggekeerd ben,"
„Sacrebleu I" riep de kolonel: „ik heb in der tijd een
geheel regiment Gasconjers gecommandeerd en dat waren
meesters in het zwetsen; aan jou echter de palm, Lefebvre!"
„Confrère," hernam Olybrius: „dat gij n verbeeldt in
Amerika geweest te zijn, verwondert mij geenszins; dat
is het eft'ect van de opium: maar ik, die u gedurende
acht dagen en nachten onder behandeling had, ik kan u
de verzekering geven, dat gij uw bed in al dien tijd
geen oogenblik verlaten hebt,"'
„Mijnheer," antwoordde ik gebelgd: „het is mij onbe-
kend welke redenen u bewegen deze zonderlinge comédie
te spelen; ik verlang ze zelfs niet te kennen, daar het
u voor het overige vrij onverschillig moet zijn of ik at
dan niet in Amerika ben geweest."
„Gij zijt niet in Amerika geweest."
„Mijnheer!....'^
„Daniël," waarschuwde mijne vrouw: „neem u in acht,
gij stort u in 't verderf."
„Wat zegt gij mij dit op een théatralen toon," zei ik:
„Het was me, of ik Rachel in de rol van Roxane hoorde
declameren:
Ecoutez Bajazet! je sens que je vous aime,
Vous vous perdezP'
Jenny hief de handen hemelwaarts, greep Henri bij
den arm, en snelde weenende de kamer uit.
„Sacrebleu I" zei de kolonel: „is dat nu eene manier
om met eene vrouw om te gaan!"
O
Ik begreep dat het maar beter was op die indiscrete op-
merking niet te antwoorden.
Daarop wikkelden de drie heeren mij in een gesprek
over den stand van zaken in Amerika. Ik hing hen eene
getrouwe schets op van al wat ik gezien en ondervonden
had, telkens echter in de rede gevallen door Reynard,
die beweerde dat eene zoodanige staatsregeling bespotte-
lijk en onmogelijk was, en telkens ook geprikkeld door
de opmerking, die aan Olybrius op de lippen bestorven