Boekgegevens
Titel: Parijs in Amerika
Auteur: Laboulaye, Édouard René Lefebvre; Falkland, Samuel
Uitgave: Rotterdam: Nijgh, 1864
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: PK 69-50
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203708
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Parijs in Amerika
Vorige scan Volgende scanScanned page
136
Hier werd iii in mijne overdenkingen gestoord, door-
dien een beschuldigde werd voorgebragt. Het was een
jong mensch, met lange blonde haren en een bleek
gezigt, waarop onverschilligheid en onbeschaamdheid om
den palm streden.
Op de daartoe strekkende vragen van Humbug deelde
hij zijn naam, beroep (kleedermaker) en woonplaats mede
en voegde er bij dat hij not guüty pleitte. To plead
guilty of not guüty, d. i. de voorafgaande verklaring
van de zijde des beschuldigde of hij beweert schuldig
of onschuldig te zijn, is een der vormen van de Ame-
rikaansche regtspleging.
Hierop nam de bleeke jongeling plaats op het bankje
der beschuldigden, streek zich met de hand de blonde
haren glad en wierp op zijn beschuldiger een blik, die
van niet weinig minachting getuigde.
Die beschuldiger was een agent van policie, een po-
licernan.
//Mijnheer de regter," zei hij: //ik breng u een der
behendigste dieven der stad. We hebben hem in een
volksoploop gesnapt, waar, in den tijd van een kwartier,
zes Heden waren ontlast van al wat zij bij zich hadden;
het is een fameuse zakkenroller! Toen ik mij van hem
meester maakte vond ik deze schaar en deze bos valsche
sleutels in de voering van zijn jas verborgen. Anders
had hij niets bij zich.''
„Zijn er geen andere getuigen, geen andere bewijzen?"
vroeg Humbug.
„Neen, mijnheer de regter."
„Geleid dien gentleman dan naar buiten en pas een
ander maal beter op uw zaken!"
De dief maakte een 1'eleefde buiging voor Humbug
en ging heen met de bedaardheid van iemand, die geen
oogenbiik aan zijn vrijspraak getwijfeld heeft.
//Hoe!" beet ik Humbug in het oor: //gij laat dien
schavuit loopen?"
,/Dat spreekt van zelf; er is geen cor|)us delicti."
//Maar de slechte reputatie van dien schelm? de schaar