Boekgegevens
Titel: Vertellingen en rijmen voor knapen en meisjes
Auteur: Bouwmeester, J.C.
Uitgave: Doetinchem: C. Misset, 1889
Opmerking: III. Op reis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5915
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203676
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vertellingen en rijmen voor knapen en meisjes
Vorige scan Volgende scanScanned page
OP BEia. 5
voor u eene kaart van Limburg en Gelderland, of eene flinke
kaart van Nederland, dan zult gij daarop zooveel aangetee-
kend vinden van Duitschland, dat gij de reis op de kaart
volgen kunt. Wij gaan immers niet ver over de grenzen.
Xu vooruit!
Het oude en kleine stadje Zevenaar, waarnaast zich de
toren van het naburige Oud-Zevenaar verheft, is het laatste
XedeFlandsche plaatsje, dat wij aandoen, als wij ons van
Arnhem per spoor naar Duitschland begeven. Nauwelijks zijn
wij aan de grenzen van het land gekomen of de machinist
stopt en laat ons stilstaan bij een Douanen-station. Niet
heel vriendelijk worden wij met de woorden „allen ausstei-
gen" uitgenoodigd het kantoor binnen te gaan. Op die lage
tafels worden alle koffers en kisten, welke de verschillende
reizigers met zich voeren opengemaakt en uitgepakt. Die ar-
tikelen bii zich heeft, waarvan invoerrechten betaald behoo-
ren te worden, moet eene bepaalde som als belasting beta-
len, en kan dan weder inpakken. Daar wij niets bij ons
hebben dan een broodje, voor 't geval één onzer honger
mocht krijgen, en kleinigheden, welke wij op de reis niet
ontberen kunnen, laten wij de ambtenaren terloops een blik
in ons taschje werpen en volgen den, aangewezen weg door
het gebouw, waarna wij weder vanzelf op het perron komen,
waar wij in den ons wachtenden trein stappen.
Vooruit gaan wij. Links en rechts hebben wij schoone
vergezichten. Hoog op den Eltenschen berg ligt het oude
dorp Elten met zijn merkwaardigen door de Romeinen op
het hoogste punt aangelegden put. In het verschiet ligt Kleef
met zijne prachtige omstreken, en weinige oogenbhkken la-
ter staan wij stil aan het station Emmerich.
We hebben hier even tijd, want eerst moeten enkele trei-