Boekgegevens
Titel: Vertellingen en rijmen voor knapen en meisjes
Auteur: Bouwmeester, J.C.
Uitgave: Doetinchem: C. Misset, 1889
Opmerking: III. Op reis
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5915
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203676
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse letterkunde
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vertellingen en rijmen voor knapen en meisjes
Vorige scan Volgende scanScanned page
OP REIS. 27
pijlbundel en op eene hoogte van vijftig Meter is het of een
nieuwe bundel pilaren uit den hoofdpilaar opschiet om in
een spits torentje te eindigen. Vandaar het groote aantal
torens, dat den voet van de spits der beide hoofdtorens om-
ringt. En nu wij al nader treden, zien wij, dat do ribben
of gleuven in de zuilen, welke den torenmuur vormen, alle
gevuld zijn met beeldhouwwerk en afgezet met ornementen,
die ons op een afstand aan kantwerk deden denken. Ook de
spitsen en zelfs de kruisen, welke daarop staan, zijn met
zulk kantwerk omgeven. Wij staan in stomme verbazing dat
kunststuk te bezien, en worden niet moede, omdat ons oog
telkens op nieuwe nissen en verdiepingen en torentjes blijft
rusten, welke wij nog niet gezien hadden.
Maar gaat mee, vriendjes en vriendinnetjes! Hier die breede,
blauwe trappen maar op. Wij kunnen er best tegelijk op
eene rij opgaan, al waren we meer dan vijftig personen in
getal. En nu hier in het hoofdportaal tusschen de beide
torens eens goed de oogen den kost gegeven. Ziet, de beide
muren van het portaal loopen in bogen van boven naar elk-
ander toe, en vormen zóó eenige lange nissen, welke elkan-
der in den top ontmoeten. Op ongeveer drie meter afstands
van den grond hangen in de nissen kunstig uit steen ge-
houwen consoles, sierlijk met bloemen en loof omgeven,
welke tot voetstuk dienen van de prachtige beelden, die ,
wel tweemaal levensgroot, daarop staan. Ieder beeld is een
portret. Wat fijn is ieder onderdeel uitgewerkt; hoe los en
bevallig zwieren de loshangende kleederen om het lijf; wat
uitdrukking in elk gelaat! Al wisten wij" het niet, dat het
Pausen voorstelden, dan konden wij wel gissen aan de ver-
schillende uitdrukking op het gelaat dier mannen, dat men
hier met geen scheppingen van de phantasie te doen heeft.